BladNa - dec.2003 Ruimte en bezit

Je moet in een openbaar gebouw naar de wc. In de voorruimte direct een keuzeprobleem; welke van de zeven deuren neem ik? De meest linkse, de middelste of die het verst van de entree ligt? Eenmaal binnen kan de deur gelukkig op slot. De ruimte ter grootte van een vierkante meter is eventjes 'van mij'. De eigenaar stelt hem voor korte tijd ter beschikking, zonder dat je hoeft te betalen; soms voor de schoonmaak wat muntjes aan de toiletjuffrouw.
Op het cafeterras kies ik met mijn gezelschap een tafeltje. Dat kost ook niets, maar we worden in ruil voor het zitgenot wel geacht iets te gebruiken. De ruimte rond de tafel is blijkbaar weer 'van ons', want de nieuwe buren vragen keurig of die lege stoel nog vrij is. Na drie kwartier stappen we op en ons tafeltje blijkt in trek: twee groepjes rennen naar de vrijgekomen plek en wie het eerst komt, maalt dan ook als eerste. Voor het komende uur een nieuwe eigenaar...
Betalen voor het bezit van architectonische ruimte is in het maatschappelijk verkeer goed geregeld. Zo is een hotelkamer tegen betaling al gauw een kleine vierentwintig uur 'van jou'. Toch gaat het dan nog wel eens mis, zoals de Amerikaanse zanger Tom Waits overkwam in een van de verhalen die hij tussen zijn muzikale nummers met ons deelt. Hij lag op zijn hotelbed naar een tv-film te kijken toen een ruziend gangsterstelletje zijn kamer binnenviel. Zij meteen huilend de badkamer in en hij met de hand op het schouderholster dreigend naderbij komend met zo'n blik van "Wat doe jij in mijn kamer?" Nadat het misverstand na enig heen en weer praten was opgelost (het stel was teruggekeerd naar de kamer die ze de vorige nacht hadden en hun toegangs-chipcard bleek nog niet geblokkeerd) vervolgde hij zijn film, maar had de clou van het verhaal net moeten missen.
Om te kunnen wonen heb je meer ruimte nodig en die kun je kopen of huren. Na aankoop bezit je dan een 'eigen' huis, hoewel dat eigendom relatief is omdat de bank de eerste tientallen jaren de werkelijke bezitter is. Zelf ben ik daarom huurder geworden. Die beslissing biedt me in ieder geval het gevoel dat ik nergens aan vast zit en elk moment weg kan (feit is, dat ik inmiddels al weer 20 jaar op dezelfde plek verblijf). Een prachtige vorm van vrijheid in relatie tot ruimte en bezit laat acteur Yves Montand zien in zijn rol als scherpschutter in de film Le Cercle Rouge uit 1970. Hij is altijd onderweg en heeft geen vaste verblijfplaats meer. Zijn complete bezit (alleen zijn kleding en een verzameling long rifles) bevindt zich in twee manshoge koffers die - als ze tegenover elkaar open staan - een architectonische ruimte vormen, iedere keer opnieuw. Zo biedt elke plaats hem een eigen plek.
En zo is het, want ruimte die we denken te bezitten, overleeft ons meestal in de tijd. Uiteindelijk leggen wij het af.