|

|
* Ontwerpen voor JA Prijs 2012 krijgen vaste vorm 
 We zijn druk doende met de voorbereiding van het nieuwe seizoen 2013 van de Jonge Architecten Prijs. In dat kader is het aardig om nog even terug te blikken op de drie ontwerprondes van 2012, met alleereerst bovenstaande foto van de overall-winnaars Bokkers van der Veen Architecten uit Rotterdam. Zij wonnen de 1e en de 3e ronde en behaalden in de 2e ronde de derde prijs. Onderstaand is de bouw van hun winnende ontwerp voor de eerste ronde te zien, een werkruimte voor in de woonkamer. Ze lieten een prototype bouwen door een meubelmaker met de bedoeling om het inklapbare werkmeubel na een succesvolle introductie in productie te nemen.



En dat zelf georganiseerde bouwen is inmiddels ook in praktijk gebracht door de andere derde prijswinnaars van de 2e ronde, Jeroen van Aerle, Beerd Gieteling en Philippe Rol, nu samenwerkend in het Atelier tot the Bone in Eindhoven. Hun ontwerp voor een tijdelijke woning in een leegstaand kantoorgebouw getiteld 'Een huis van een kast' bouwen ze inmiddels zelf op een zolder in hun woonplaats, zie onderstaand beeld. Alleen de gevels ontbreken nog en ze documenteerden de bouw op hun website, onder meer met een timelapse-filmpje.


 Tenslotte hieronder het nader uitgewerkte ontwerp voor een groep starterswoningen in de gemeente Oirschot van architect Kim Verhoeven uit Den Bosch. Haar plan werd uit de drie geselecteerden voor uitvoering gekozen door een jury onder leiding van wethouder Piet Machielsen.



Na de vakanties zal de belangstelling voor de woningen worden gepeild en bij voldoende interesse wordt er vervolgens een CPO-project gestart.


 [Alle informatie voor de Jonge Architecten Prijs 2013 verschijnt in de loop van vandaag op de eigen website van de Prijs. Het seizoen 2012 is hier compleet beschreven.] - 19 augustus 2013 - BOX 1.650
* Ventoux, een staaltje hoogstaande boek-architectuur In de architectuurgeschiedenis speelt de klassieke verhouding - anders gezegd de gulden snede - een grote rol. In vroeger eeuwen werd deze strenge maatverhouding meestal gebruikt bij de opbouw van ruimtes en bij de compositie van facades, zoals te zien aan de onderstaande foto van het Parthenon op de Acropolis in Athene. De klassieke verhouding [getalsmatig 1 staat tot 1,618..] is rechtstreeks vanuit de natuur afkomstig en is in het beeld daaronder mooi in tekening gezet.




 Nog in de vorige eeuw heeft architect Le Corbusier de gulden snede toegepast in het door hem ontwikkelde maatsysteem De Modulor. Gebaseerd op de toen gangbare lengte van de man [1,75 m] en na een suggestie van een vriend - 'de held in detectiveromans is immers altijd 6 feet tall...' - via 6 keer de voetmaat van 30,5 cm aangepast naar 1,83 meter. En dan vervolgens via de gulden snede onderverdeeld in 1,13 en 0,70 meter; vervolgens door naar 0,43 m, 0,27 m, 0,16 m en tenslotte 11 cm, tevens de koppenmaat van een baksteen. Verdubbeling van die 1,13 maakt de maat van 2,26 m die te zien is aan de hoogte van het plafond dat de man rechts met zijn omhoog gestoken arm dan net kan aanraken - zie beeld hieronder. Corbu werkte dan ook lange tijd in een kamertje van 2,26 m kubiek, achterin zijn kantoorverdieping in Parijs...


 Het bovenstaande is slechts de bescheiden inleiding voor een van de mooiste boekontwerpen die we dit jaar in handen kregen. Het omslag knalde eruit tussen de vele andere op de presentatietafel van onze boekhandel... We hadden er al wel over gehoord, de nieuwe roman 'Ventoux' van de hand van Volkskrant-columnist Bert Wagendorp. Maar we waren werkelijk van slag, andersgezegd 'geslagen' door de typografische kracht van het gepresenteerde (woord)beeld. Het overkomt je vaker, dat een krachtig beeld ook meteen weer nieuwe vragen oproept... Waarom spreekt een ontwerp je aan, wat zit daar achter, is er iets in te ontdekken, wat kun je van zo'n ervaring leren? We schaften het boek vanzelfsprekend aan en onderwierpen het omslag aan een nader onderzoek.



De titel Ventoux gezet in zeven staande kapitalen... Verdeeld in drie en vier, de laatste van die vier in rood, waardoor twee gelijke groepjes van drie ontstaan... die vierde, die X, waar staat die voor? voor sex, bloed, de dood? De naam van de auteur in wit en in kleiner kapitaal tussen de twee rijen kapitalen in. Voornaam Bert precies strokend met de bovenliggende horizontaal van de T uit Ventoux, de P van de achternaam eindigend bij de raaklijn vanuit de virtueel doorgetrokken linkse 'poot van de X... Het woord 'Roman' uitgespaard in de rechter poot van de U en de naam van uitgever Atlas Contact bescheiden geplaatst in de linker witruimte van de T... Kortom wat een finesse, wat een fijnslijperij, wat een mooie details.
Maar dan vervolgens de verhoudingen [zie beelden hier direct onder]... De woorden samen vormen een exact vierkant, tegenover het totale omslag bijna precies de klassieke verhouding. Maar ook de groepjes letters zijn via de gulden snede verdeeld... de 'E + N' in Ventoux vormen weer een vierkant, en tegenover de witruimte rechts - of tegenover de 'V' aan de linkerzijde - opnieuw een rechthoek met de klassieke verhouding. En zo zouden we nog wel even kunnen doorgaan.


 We zochten uiteraard contact met de ontwerper, genaamd Roald Triebels, die in de rangschikking van de letters naar eigen zeggen in de woord-opbouw ook het thema 'berg' had verwerkt... Hij werkt inmiddels tien jaar als zelfstandig vormgever en vertelde - voor de liefhebbers - nog welke lettertypen hij hier heeft toegepast: voor het titelwoord hanteerde hij het font 'Catorze 27' van de Portugese ontwerper Fabio Duarte Martins [beeld hier linksonder] en voor de naam van de auteur gebruikte hij het font 'Calluna Sans' van de hand van de Nederlandse ontwerper Jos Buivenga [beeld hier rechtsonder]. Subtiel detail: in de 'E' heeft Triebels het middenstreepje bij nader inzien naar omhoog geschoven ten opzichte van het oorspronkelijke ontwerp...



En dat échte kwaliteit zichzelf niet verloochent, laat het overige portfolio van Roald Triebels glashelder zien. Hieronder links zijn gelauwerde boekontwerp met een eveneens sterk typografisch beeld - mooiste NL boekomslag 2005 - voor de beroemde roman van Jonathan Safran Foer en rechts het inmiddels over de gehele wereld verspreide blauwe-bord-met-rode-kreeft-omslag van 'Het Diner', de bestseller van auteur Herman Koch.



[U begrijpt, wij wilden graag nader kennismaken met deze getalenteerde ontwerper en hebben een afspraak gemaakt om hem na de vakantie te ontmoeten. Wij houden u vanzelfsprekend nader op de hoogte van mogelijke typografische bijdragen van zijn hand aan de vormgeving van de Architect van het Jaar Prijs en/of de Jonge Architecten Prijs.] - 26 juli 2013 - BOX 1.649
* Bob en Denise [revisited] [Februari 2005] "Beste Bob, ik keek zo tegen je op, dat ik je bij onze eerste ontmoeting uit pure verlegenheid niet eens een hand durfde te geven..." Het was een van de ontwapenende anekdotes van Sjoerd Soeters tijdens een recent debat in het Rotterdamse NAi, waar onder leiding van Harm Tilman Nederlandse architecten in gesprek gingen met het bejaarde Amerikaanse architectenechtpaar Robert Venturi (80) en Denise Scott Brown (74).


 Ze werden wereldberoemd met hun gerealiseerde architectonische werk, maar bovenal door hun kritiek op de naoorlogse Modernistische en 'abstracte' architectuur, opgetekend in baanbrekende boeken als Contradiction and Complexity in Architecture (1966) en Learning from Las Vegas (1972). Ze bepleiten een meer betekenisvolle architectuur, waarin de gelaagdheid van de stad evenals het alledaagse van ons leven en de tekens om ons heen een rol kunnen spelen en ze verrijkten het internationale architectonische vocabulaire met begrippen als 'ugly duck' en 'decorated shed'.


 Zoals gezegd opende Sjoerd Soeters de rij van drie korte presentaties en hij liet zien in welke mate hun werk van invloed was geweest op zijn eigen projecten, van het vlaggende Casino in Zandvoort tot en met de gelaagde opzet van het Java-eiland in Amsterdam. Tussendoor gaf hij nog een paar sneren naar de modernisten door juist het NAi te verwijten "advocaat te zijn van alles wat slecht is in architectonisch Nederland." Venturi reageerde vriendelijk maar adequaat in zijn oordeel: "Your work seems crazy, but valid and appealing..."


 Liesbeth van der Pol liet, gekleed in een bijpassend roodfluwelen mantelpakje, haar roodgekleurde woongebouwen in Almere zien. Het gesprek over de betekenis van het Amerikaanse silobeeld, de metalen materialisering en over het aantal van drie Rode Donders kwam niet echt op gang. Waarop Denise op subtiele wijze suggereerde dat zij juist de relatie tússen de gebouwen intensiever zou hebben vormgegeven. Op de herhaalde vraag naar betekenis antwoordde Liesbeth uiteindelijk: "My buildings do not talk, I just want them to be beautiful...", wat Venturi tot de onnavolgbare uitspraak bracht: "Every thing of beauty has something strange, don't you think?"


 Haiko Meijer van het Groningse ONIX sloot de rij met twee bescheiden beelden; eentje van de beroemde geknikte houten schuur, zoals hij zelf zei een 'un-decorated shed' en een plaatje van het Zwolse project Waiting for significance als voorbeeld van een nieuwe manier om architectuur te beleven. Venturi vergeleek hem - vanwege eenvoud en lichtval - met de Hollandse meesterschilder van het dagelijks leven, Johannes Vermeer.
Kortgezegd, het was een ontspannen en inspirerende middag met Bob en Denise. In deze tijd van heftige discussie over de canon van onze historie en literatuur, werd weer eens duidelijk dat je als architect - om in de canon van óns vak te worden opgenomen - beter teksten kunt publiceren dan gebouwen. [De Venturi's waren in 2005 een week in ons land op uitnodiging van Karin Theunissen, architect en docent aan de TU Delft. Naast onze bovenstaande column in BladNA maakte ook ArchiNed een verslag. Maandag zagen we het droeve bericht dat Karin vorige week is overleden. Onze gedachten zijn daarom vandaag bij Arjan Hebly, haar echtgenoot en architect-partner.] - 17 juli 2013 - BOX 1.648
* Hoe moet het verder met de architectuur-vakpers? Afgelopen week startte Marit Overbeek, webredacteur van de Architect een interessant twitterdebatje over de toekomst van de architectuur vakpers (en daar werd door Caroline Kruit - ooit maker van het vakblad dax - direct en uitgebreid op gereageerd). Kennelijk wordt er binnen de redactie waar Marit deel van uitmaakt een debat gevoerd over nieuwe verdienmodellen in relatie tot mogelijke content, met name op hun website. Waarom juist nu zou je denken, maar de reden is wel begrijpelijk. Het tijdschrift de Architect was onderdeel van het fonds van uitgeverij SDU en die zijn kortgeleden overgenomen door een Franse uitgever. Omdat de nieuwe eigenaar eigenlijk alleen is geinteresseerd in de juridische en financiele informatie zijn de bouwgerelateerde bladen (zoals CoBouw, de Architect enVastgoedmarkt) nu ondergebracht in een nieuw bedrijf genaamd BIM Media. Je kunt daar op twee manieren naar kijken: het is een mooie etalage voor een gedachte verkoop van die bouwbladen maar de verzelfstandiging biedt wellicht ook nieuwe mogelijkheden om stevig op eigen benen te staan. Waarschijnlijk daarom ook die actuele redactionele discussie.


 Daarnaast heeft de crisis er goed ingehakt. Als de omzet van architecten met 60% is gedaald (en alles wat wij niet tekenen wordt ook niet gebouwd) dan begrijp je dat ook aannemers, onderaannemers en toeleveranciers moeten downsizen en daarmee krimpen tevens de marketing- en advertentiebudgetten. Velen moeten hun uitgavenpatroon aanpassen en zeggen hun abonnementen op. De vakbladen volgen gedwee met het verminderen van het aantal nummers en het verkleinen van hun redacties, overigens met een gelijkblijvende of jaarlijks verhoogde abonnementsprijs. Je ziet verwoede pogingen om nieuwe klanten te werven, maar helaas nog maar weinig serieuze acties om de trouwe klanten te binden en daarmee dus te behouden. Tenslotte bestaat er hier en daar twijfel over de te leveren content. Wat wil bijvoorbeeld de architect nu eigenlijk lezen en voor welke content heeft hij dan ook geld over? Misschien een goed moment om het huidige aanbod aan vaderlandse vakperiodieken in print en online eens nader te bekijken?


 Architectenweb - Internetonderneming (ook eigenaar van Archello) die met een bescheiden redactie de website vult met actualiteiten en na enkele jaren tevens een tijdschrift begon. Na 50 nummers stopte het reguliere blad en er werd gestart met een nieuwe formule. Een aantal vaste adverteerders voteert een budget waarmee nu thematische periodes worden gefinancierd, die met een congres en internetcontent uiteindelijk weer leiden tot een viertal thematische tijdschriften. De eerste periode over transformatie was succesvol, vooral het congres was voor de deelnemers zeer betaalbaar (alleen de out-of-pocket-kosten werden in rekening gebracht) en de content was interessant. Dat bijna alle ingezonden pers- en nieuwsberichten integraal worden geplaatst maakt architectenweb op internet overigens nog niet zo sterk onderscheidend, hoewel er steeds vaker journalistiek wel enige content aan de berichtgeving wordt toegevoegd.


 De Architect - Belangrijk en gevestigd vaderlands vaktijdschrift, dat vanzelfsprekend ook op internet aanwezig is. Naast een beperkte nieuwsrubriek met iets minder talrijke berichten is er daar een afdeling met blogs te lezen, bijvoorbeeld die van hoofdredateur Harm Tilman waar wij althans elke maandag naar uitzien. Helaas is de reactiemogelijkheid getrapt geworden, hetgeen betekent dat directe reacties en daarmee snel debat wordt uitgesteld. Er wordt dan ook nauwelijks meer gebruik gemaakt van die mogelijkheid. Ook de Architect zal het aantal nummers in print gaan verminderen en debatteert dus kennelijk intern over de toekomst. Je zou zeggen dat het nieuwe BIM Media een uitgelezen kans biedt om de voorheen gescheiden redacties van de Architect, CoBouw en Vastgoedmarkt te bundelen en nieuwe vormen van gezamelijke content te genereren voor internet en print. De dagbladvorm van CoBouw zal dan wel sneuvelen denken wij, want dat format is, mede vanwege de hoge kosten (en dus zeer dure abonnementen) denkelijk onhoudbaar. Ze werken al als combine in beurzen en congressen, maar ja, daar proberen ze dan ook nog winst te maken en dus zijn de deelnamekosten bijkans het tienvoudige van die van het Architectenwebcongres. Bij de meest recente congresaflevering van de Architect werden de laatste kaartjes dan ook verloot of weggeven (om de zaal nog een beetje gevuld te krijgen?).


 Architectuur.nl - Tja, wat moet hier je zeggen van website en blad. In retrospectief kun je in ieder geval beweren dat een van de beste en oudste vakbladen, vroeger BOUW geheten, door voormalig uitgever Reed Elsevier deskundig om zeep is geholpen. Van tweewekelijks naar maandelijks en daarna met de naam Architectuur.nl - wellicht vooral op basis van de institutionele abonnementen - nog voortgezet met nu een tiental nummers per jaar in een eigentijds vormgegeven jasje en verkocht aan uitgeverij Eisma Media die is gespecialiseerd in commerciele publicaties. Maar als je in een van de eerste nieuwe nummers een hoofdartikel wijdt aan twee partners van het daarvoor gefailleerde KOW architecten heb je van de ontwikkelingen in het architectenvak toch weinig begrepen denken wij. Soms zien we het blad nog wel eens (geen abonnement meer) maar denkelijk een aflopende zaak. De internetsite biedt ten opzichte van de concurrentie dan ook geen onderscheidende berichten. Een mengelmoes van elders geplaatst nieuws en soms een artikel uit het blad online (nog een reden te meer om geen duur abonnement te hoeven nemen).


 ArchiNed.nl - De eerste Nederlandse internetsite over architectuur met een groot aantal correspondenten en een nu nog tweekoppige redactie. Gestart met overheidssubsidie, maar nu reeds een aantal jaren op eigen benen. Betaald met kleine advertenties en abonnementen van leden die hun werk op de website kunnen presenteren. Ook hier vast een terugloop in abonnees. De berichten zijn vooral gericht op de culturele kant van de architectuur en ze doen dan ook niet mee aan de dagelijkse stroom persberichten van eerste palen, hoogste punten en verleende vergunningen voor nieuwe gebouwen. Begonnen kortgeleden - opnieuw gesubsidieerd - met het maken van korte video's over architecten en andere interessante architectuuronderwerpen. Wat ons betreft is video (en dus ook streaming video) de toekomst op het web, maar de kosten zijn hoog. Zelf maken we elk jaar een filmpje bij de Architect van het Jaar Prijs (kosten: een draaidag met minimaal een cameraman en regisseur, een dagje 'spotten' van de geregistreerde beelden, minimaal een dag montage met editor en regisseur en tenslotte de technische afwerking, laten zien dat je echt niet onder de 2.500 Euro terecht kunt). ArchiNed verwierf - vooral door de redactioneel bewaakte kwaliteit van de berichten - een geheel eigen plaats, maar ook voor hen is de toekomst financieel gezien niet echt rooskleurig te noemen.


 Architectuur.org - Eenmansbedrijf van architect en fotograaf Bart van Hoek. Meestal snel en compleet als het gaat om de plaatsing van door anderen gegenereerde en verstuurde content en berichtgeving. Met daarnaast een eigen opbouw van archief in stijlen en architecten-oeuvres. Het verdienmodel is onduidelijk en we hebben hier waarschijnlijk te maken met iemand die er gewoon zijn eigen tijd en liefde insteekt. Je zou kunnen denken aan combinaties van energie - juist en vooral als er meer samengewerkt zou worden door internetsites op ons vakgebied - maar de spreekwoordelijke eigenzinnigheid bij auteurs en organisatoren maakt dat waarschijnlijk niet echt makkelijk. Maar het zou mooi zijn als zoiets wel lukt. Indachtig de recente uitspraak van gelauwerd journalist Joris Luyendijk: 'We gaan van generalisten die nergens echt iets van afweten, naar mensen die er wel wat van af weten. Iedereen gaat gewoon een klein deeltje heel goed beheersen. En als dat deeltje dan op het nieuws komt, krijg je hoge kwaliteit.'


 Tenslotte de vakbladen die zich mede richten op een ruimere doelgroep, en vooral mede op het buitenland. Wij lezen Mark Magazine en A10. Mark is gericht op de gehele wereld en staat werkelijk bol van nieuwe en spectaculaire beelden plus de internationale ontwikkelingen in ons vak. A10 probeert zijn/haar aandacht te concentreren op diezelfde ontwikkelingen in Europa. Maar beide hebben ze de focus op een doelgroep die het veelvoud vertegenwoordigt van de Nederlandse architectenpopulatie. In ons land 10.000 architecten, in Europa minimaal 500.000... Dus zij zullen het wellicht iets langer volhouden dan de nationale vakbladen. Maar ook daar is de formule van een tweemaandelijks blad in print in de brievenbus straks waarschijnlijk uitgewerkt.
In die internationale wereld noemen we - naast de beste internationale website dezeen.com - nog een laatste: the Architectural Review. Daar is de content nu eens echt serieus aangepakt! Naast de vertrouwde, nieuwe en goed gedocumenteerde recent opgeleverde projecten hebben ze reeds maandenlang een college-achtig inhoudelijk katern van de hand van o.a. Peter Buchanan. Eerst met typologische informatie gekoppeld aan soorten gebouwen, nu met meer algemeen architectuurhistorische onderwerpen. Maar met telkens dus unieke, eigen en inhoudelijk waardevolle content. Om te bewaren dus, en waar vind je dat nog?


 Enfin, dit was een bescheiden poging tot een bijdrage aan de discussie die Marit Overbeek op twitter begon. En die nog niet eens op het nuttige gebruik van de nieuwe sociale media zelf is ingegaan... Maar wij maken dan ook met De BOX sinds 1997 een vakblog avant-la-lettre ;-) op het net. Overigens met een zekere trots dat ook de vormgeving nog uit 1997 is, haha. Dit stukje bevat trouwens een krappe 1.500 woorden en het kostte een uur of drie om het te maken en ruim een uur om het samen met beelden erbij op het net te zetten. En het blijft vanzelfsprekend gratis voor onze ruim 100 lezertjes per dag. Die willen - denken en horen wij - gewoon een ongezouten mening over een veelheid aan onderwerpen in het architectenvak. Als u wilt, kunt u reageren op kavander@xs4all.nl of via twitter op @kavander.
- 10 juli 2013 - BOX 1.647

Berichten uit de voorgaande maanden in het
* Archief-overzicht.
*

© 1997-2012. Copyright ArchitectenWerk.
|