|

|
* Rem Koolhaas een uur lang bij Charlie Rose


Gisteren kregen we een mooie tip van een van OMA's medewerkers dat Rem Koolhaas bij zijn laatste bezoek aan New York opnieuw was uitgenodigd voor een televisie-interview met de bekende talkshowhost Charlie Rose. Het gesprek werd op 14 januari 2016 op het Amerikaanse publieke net uitgezonden. Charlie sprak ruim een uur lang met Rem over wat hem op dit moment bezighoudt, mede aan de hand van enkele recent opgeleverde projecten zoals de Fondazione Prada in Milaan en de Garage in Moskou. We verzamelden ooit al zes eerdere interviews die Charlie Rose had met Koolhaas. Ze beginnen in 1994 en daarna met wisselende tussenpozen ook in 1996, 2002, 2003, 2004 en 2011. De heren liggen elkaar kennelijk, want de sfeer tijdens de - door Rose overigens zeer goed voorbereide - gesprekken is zowel zeer ontspannen als geconcentreerd. Helaas zijn die eerdere video's inmiddels weer van het net verdwenen... Wat ons betreft is deze zevende dan ook de moeite waard om in zijn geheel te bekijken.



[Hier de website van Charlie Rose en hier het bedoelde interview met Koolhaas. Zie hier voor een aantal andere video-interviews met Rem Koolhaas.] - 21 februari 2016 - BOX 1.704
* Hoge Raad eindelijk op bestemming aangekomen
Nu de nieuwbouw van de Hoge Raad aan de Korte Vijverberg in Den Haag binnenkort in gebruik wordt genomen, in De BOX een kort overzicht van de totstandkoming en de recente historie, mede omdat we daar op momenten zelf bij betrokken waren. Allereerst twee beelden van de oude locatie van de Hoge Raad. Na jaren op het Binnenhof werd in 1862 het nieuwe gebouw naar ontwerp van toenmalig Rijksbouwmeester W.N. Rose aan het Haagse Plein in gebruik genomen. Wikipedia vermeldt nog dat het gebouw in de wandeling ook wel het 'hondenhok' werd genoemd.





In het Interbellum werd het gebouw van Rose verbouwd door Rijksbouwmeester G.C. Bremer. De gehele voorbouw werd vervangen door een nieuw front dat in zijn toenmalige eigentijdsheid toch een beetje deed denken aan de architectuur van de nazi's. Het aangepaste gebouw werd vlak voor de Tweede Wereldoorlog in 1938 in gebruik genomen en op het nieuwe bordes werden voor het eerst de nu bekende zes bronzen beelden van beroemde vaderlandse juristen geplaatst. Na de mislukte prijsvraag voor de uitbreiding van de Tweede Kamergebouwen kreeg architect Pi de Bruijn de uiteindelijke opdracht voor het ontwerp van de renovatie en de nieuwbouw.





Hij had in een uitgebreide studie aangetoond dat het nieuwe programma eigenlijk niet op de locatie paste en stelde voor het gebouw van de Hoge Raad te slopen, zodat de nieuwbouw tevens een verbinding naar het Plein kon bewerkstelligen. Het werd in de loop der jaren zelfs de plek waar alle protesten tegen de landelijke politiek zich concentreren. In de jaren tachtig van de vorige eeuw werd ik als jonge architect bij de Rijksgebouwendienst in de directie 's-Gravenhage e.o. gevraagd om te onderzoeken in welk bestaand gebouw de Hoge Raad opnieuw zou kunnen worden gehuisvest. In een uitgebreide analyse bekeek ik vervolgens aan de hand van het programma van eisen van de Raad een kleine serie leegkomende gebouwen, waaronder het voormalige ministerie van Buitenlandse Zaken aan het Plein 23, het voormalige ministerie van Onderwijs aan de Lange Uitleg (inmiddels gesloopt en vervangen door een gebouw van de hand van KOW Architecten) en de voormalige Koninklijke Bibliotheek aan het Lange Voorhout.





Voor die laatste optie werd gekozen. Het monumentale voorgebouw aan het Voorhout werd ingericht voor de raadsheren, de bestaande leeszaal aan de achterzijde werd gesloopt en aan de overzijde van de achterliggende Kazernestraat werd de rest van het programma van de Hoge Raad, inclusief de zittingszalen ondergebracht in een (zeker achteraf gezien oerlelijk) nieuw gebouw van de hand van architect Peter Pennink, toen ook hoogleraar aan de TU Delft. De zes beelden verhuisden mee en stonden netjes drie aan drie tegenover elkaar op het bescheiden voorplein van het gebouw, dat ook nog eens met een luchtbrug aan de voorbouw werd verbonden. Twintig jaar later bleek het gebouw te klein geworden, zodat er opnieuw werd gezocht naar een andere locatie voor een mogelijk groter complex. Die nieuwe locatie werd uiteindelijk gevonden op de kavel direct grenzend aan de plek waar vroeger dat eerder genoemde Onderwijsministerie stond; inmiddels is het vervangende nieuwe gebouw daar in gebruik als hoofdkantoor van de nieuwe Nationale Politie (Joost Ector verbouwde dat oorspronkelijke KOW-ontwerp). Op de genoemde locatie stonden nog twee lege gebouwen. Het vroegere kantoorgebouw voor AXA Verzekeringen en een kleiner vierkant kantoorblok voor de Franse Ambassade.







Dat laatste gebouw zou de geschiedenis ingaan vanwege de dagenlange gijzelingsactie door een groep Japanse terroristen, nog in de tijd van het kabinet Den Uyl. Na de eeuwwisseling was ik gedurende anderhalf decennium lid van de commissie Architectenexamen van het Bureau Architectenregister. Voor dat examen moeten de kandidaten in acht dagen op zaal een ontwerp maken aan de hand van het pve voor een complex openbaar gebouw. We bedachten die opgave meestal zelf of gebruikten een actueel programma, zoals in 2006 dat van de Hoge Raad. Ik kende de toenmalige president Davids persoonlijk omdat hij tevens voorzitter was van de Raad van Beroep van de Bond van Nederlandse Architecten en het lukte via hem om dat programma te mogen gebruiken als opgave voor dat ontwerpexamen. Zo kwamen er in dat jaar al een handjevol ontwerpen voor nieuwbouw op de locatie aan de Korte Vijverberg gereed. Onder de kandidaten die werkten aan dat ontwerp voor de Hoge Raad was ook Vincent Panhuysen, toen als ontwerper bij Claus en Kaan en nu als architect-partner werkzaam bij Kaan Architecten. Hij maakte een prachtig ontwerp en slaagde met vlag en wimpel; we konden toen nog niet weten dat hij uiteindelijk tien jaar later intensief betrokken zou zijn bij de werkelijke nieuwbouw...






 Na de definiteve locatiekeuze kwam er een DBFMO-aanbesteding voor ontwerp en bouw. Drie combinaties werden geselecteerd en kwamen met een plan, zie de beelden hierboven van achtereenvolgens de ontwerpen van Wiel Arets, Mecanoo en Kees Kaan. Dat laatste ontwerp werd geselecteerd voor uitvoering en het uiterst strakke en modernistische gebouw van meer dan honderd meter lang is inmiddels gereed voor gebruik. Het bevat vijf etages en een terugliggende topverdieping en de gevels zijn samengesteld uit glas en grijze natuursteen. De bovenste foto is van Sebastiaan van Damme en de andere beelden hebben we zelf vorige week nog geschoten.







Het gebouw maakt indruk door zijn verpletterende gestrengheid en daarom zijn we benieuwd naar de sfeer in het interieur. Wat tevens opvalt is de compleet dichte begane grond en eerste etage aan de kopgevel die uitkijkt op het Malieveld... En ook de lange achtergevel aan de waterkant staat niet echt te stralen van vriendelijkheid.




 Gelukkig is de gehele voorgevel op de begane grond van glas, zodat daar voor de passant overdag en 's-avonds tenminste nog wat te beleven is...
En ook de zes bekende beelden zijn weer meeverhuisd naar het nieuwe gebouw. Ze staan keurig op een rijtje met hun rug naar het complex en uitkijkend op het tegenoverliggende ministerie van Financien. Je zou wensen dat er tenminste ergens een moment van ontspanning in deze strenge opzet zou plaatsvinden. Bijvoorbeeld door een van die zes mijmerende heren, neem Hugo de Groot, juist om te draaien, zodat hij ons aankijkt als we binnen zijn... Maar daarover moeten we misschien nog eens een boom opzetten met de oude Davids, mede vanwege diens warme aandacht voor de architectuur en zijn grote gevoel voor humor.







[Op 02 april is er in het nieuwe gebouw nog een viewing voor de architectuurpers, en op 23 april houdt de Hoge Raad een open dag voor alle Hagenaars.] - 09 februari 2016 - BOX 1.703
* Noud Paes is nieuwe partner bij PDR Architects


"In 1998 ontving ik zomaar een boek cadeau van iemand die ik persoonlijk niet kende. De gulle gever bleek architect Paul de Ruiter
te zijn en het boek was zijn dank voor een opdracht die mede door mij tot stand zou zijn gekomen. In die tijd hield ik precies bij hoeveel
pagina's er in de vakpers aan de vaderlandse architectenbureaus werden gewijd en die lijst publiceerde ik jaarlijks op internet. Een
potentiele opdrachtgever vroeg aan een relatie of hij wel eens van De Ruiter had gehoord, de jonge architect die hij net had leren kennen. 'Jazeker, die staat zelfs in de ArchitectenWerk-Top40', was het antwoord dat hem direct over de streep trok. Als dank voor het interessante boek
nodigde ik Paul uit om bij een lunch nader kennis te maken. Ik kon hem toen duidelijk maken dat hij die opdracht natuurlijk aan zichzelf
te danken had, het was immers zijn eigen verdienste dat het werk in de vakbladen terecht kwam."


 Zo opende ik vorig jaar een interview met Paul de Ruiter in Bouwformatie Magazine. Sinds die eerste ontmoeting - nu bijna twintig jaar geleden - ben ik hem en zijn bureau blijven volgen en zo was ik gisteren te gast bij de feestelijke presentatie van zijn nieuwe architect-partner Noud Paes, zijn eerste zakelijk directeur Annemiek Bleumink en de lancering van de nieuwe website van PDR Architects. De Ruiter was al bij zijn start in 1994 een van de voortrekkers in duurzame architectuur en al ruim voor de crisis ook actief als ontwikkelende architect. Hij kocht zelf grond en verkocht die weer door, inclusief de villa-ontwerpen die hij daar eerst voor had gemaakt. Zo onstonden zijn eerste duurzame en vrijstaande moderne woningen met uitzicht op de rivier in de omgeving van Arnhem. Hij gebruikte zijn toespraak gisteren om die stapsgewijze ontwikkeling nog eens in sneltreinvaart te memoreren.



Zijn architectenbureau was al actief in de duurzame utiliteitsbouw, met die bijzondere Mercator kantoren met de door hem ontwikkelde speciale klimaatgevels in Nijmegen als eerste opvallende resultaat. Vanuit de Leidsestraat in hartje Amsterdam verhuisde hij later met zijn kantoor naar een eigen bedrijfspand aan de Valschermkade in de Amsterdamse industriewijk Schinkel, waar hij ons gisteren dan ook gastvrij ontving in het ruim van groen voorziene atrium. Inmiddels is zijn nu middelgrote bureau een vaste waarde in ons land geworden, met als gevolg vele opgeleverde en vernieuwende woon- en werkgebouwen. En er staat nog veel op stapel, zoals nieuwe onderwijs- en kantoorgebouwen, het nieuwe hotel Amstelkwartier (samen met Mulderblauw Architecten) maar ook de grote nieuwbouw voor de Rechtbank van Breda, die laatste dan weer in samenwerking met architect Rob Hootsmans.


 Tenslotte introduceerde Paul zijn jonge zakelijk directeur Annemiek Bleumink, eerder associate-partner bij Kraaijvanger Architecten en zijn eerste architect-partner Noud Paes (zie foto hierboven en hieronder) met wie hij al tien jaar intensief samenwerkt. Paes studeerde Bouwkunde aan de HTS in Heerlen en studeerde in 2006 af als architect aan de faculteit Bouwkunde van de TU Eindhoven. Aan het slot van zijn korte presentatie lanceerde Paes de nieuwe website van PDR Architects, die in volgorde van belangrijkheid is opgebouwd volgens de vier P's: People, Planet, Process en Projects. Kortom, na dit ontspannen en geslaagde tussenmoment wensen we Paul en Noud vanzelfsprekend veel inhoudelijk en zakelijk succes toe bij hun nieuwe samenwerking.



[Zie hier de bedoelde ArchitectenWerk-TOP40 uit 1998 en lees hier het volledige artikel over het werk Paul de Ruiter in Bouwformatie Magazine.] - 29 januari 2016 - BOX 1.702
* Volle bak voor sympathieke COA/Rbm competitie


Gisteren, op de dag dat Geert Wilders via een persbericht vroeg om opsluiting van alle mannelijke asielzoekers, was De BOX in Utrecht bij de publieke presentatie van een nieuwe ontwerpcompetitie onder de titel 'Home Away From Home'. Meer dan 300 architecten kwamen vanuit het hele land bij elkaar in de oorspronkelijke kantine van een voormalig gemeentekantoor aan de Ravellaan in de Domstad, waar een nieuw stadsrestaurant 'Kantien' van start is gegaan. De kantoorverdiepingen daar worden omgebouwd tot studentenwoningen en een deel daarvan zal tevens worden bestemd voor statushouders.



Na een korte inleiding van projectleider Rutger Oolbekkink over de opzet en het doel van de prijsvraag, kwamen achtereenvolgens vier van de zeven juryleden aan het woord. Allereerst mevrouw Caroline Schippers (zie foto boven), die bij het COA - Centraal Orgaan opvang asielzoekers - verantwoordelijk is voor de huisvesting. We weten inmiddels hoe groot haar professionele probleem is... Er is een groot tekort aan alle vormen van huisvesting die de organisatie moet kunnen bieden aan de groeiende inkomende stroom vluchtelingen in ons land. Aansluitend zagen we op video enkele ontwapenende interviews met de vluchtelingen zelf, die op momenten zeer actueel en adrem reageerden: 'Mag ik dan bij jou?'


 Een ander jurylid, auteur en columniste mevrouw Ferdows Kazemi (zie foto boven) hield een bij vlagen ontroerend verhaal over haar eigen inburgering in Nederland, nadat ze meer dan 20 jaar geleden uit Iran had moeten vluchten. Ze vroeg de deelnemers aan de competitie niet om huizen met een openstaande deur, ze vroeg om een huis met een 'open hart', precies zoals ze zelf op momenten in die eerste weken en maanden had mogen ervaren. Ze legde tenslotte de nadruk op het grote belang van die eerste jaren voor het realiseren van een goede integratie.
Aansluitend nog een data-filmpje met toelichting op alle vormen, stadia en juridische perikelen rond de wisselende status van vluchtelingen plus een overzicht van alle nu gebruikte huisvestingsvormen. Met soms lachwekkende ambtelijke namen als 'zelfzorgarrangement' of 'versnellingsarrangement'. Maar goed, je zal er zelf mee te maken krijgen, dan vergaat het lachen je wel weer.



Na burgemeester Jos Wienen van Katwijk, als spreekbuis van de VNG over asielzoekers, kwam tenslotte juryvoorzitter en Rijksbouwmeester Floris Alkemade aan het woord. Wederom een gedegen verhaal met suggesties voor verschillende oplossingsrichtingen voor de deelnemers. Vooral op zoek naar echte innovaties, waar het onderwerpen als opslag, transport en energievoorziening betreft. Maar ook hergebruik voor andere woonvormen als studenten en ouderen. De competitie loopt qua registratie af op 04 maart, inleveren voor of op 14 maart, met zes prijzen voor studenten en zes prijzen voor professionals. Die krijgen ieder € 2.500,- voor de uitwerking van hun winnende plan, waarna uit elke categorie drie prijswinnaars worden beloond met een geldprijs van € 10.000,-. Over de fase daarna, hier genoemd 'prototyping' volgen nog nadere mededelingen. Kortom, een sympathieke ontwerpprijsvraag, met een goed en actueel doel en een aansprekend onderwerp. We wensen de organisatoren - COA en Rbm - vele inzendingen toe en wie weet doen we zelf ook wel mee...



[Op de bovenstaande foto de zevenkoppige jury, van links naar rechts: Mick Eekhout - Adri Duivesteijn - Ferdows Kazemi - Carolien Schippers - Floris Alkemade - Jos Wienen - Shyam Khandekar. Zie voor alle info over de opgave, de procedure en het tijdschema de eigen website van de prijs. En bekijk ook alle gelinkte informatie bij het onderstaande BOX-bericht over onze nieuwe Rijksbouwmeester Floris Alkemade.] - 19 januari 2016 - BOX 1.701
* Nieuwe Rbm Alkemade maakt verfrissende start
Sinds begin september 2015 heeft ons land weer een nieuwe Rijksbouwmeester, architect en docent Floris Alkemade (1961). Hij is geboren en getogen in het Brabantse Sint Oedenrode, waar hij nog steeds woont en waar hij - na een lange werkperiode bij OMA - sinds 2008 ook zijn eigen bureau FAA heeft gevestigd. Hij besteedde zijn eerste 100 dagen aan een intensieve inwerkperiode en was zo verstandig om nog niet pontificaal naar buiten te treden. Af en toe hoorden we hem tussen neus en lippen iets mompelen, zoals na twee maanden: 'Ik ben nog niet opgehouden me te verbazen...' en dan begreep de goede verstaander wel zo ongeveer wat Alkemade in zijn nieuwe ambtelijke werkomgeving - dat wat er nog over is van de oude Rijksgebouwendienst - aan rompslomp en onzin aantrof.


 Maar in de maand december trad hij voor het eerst prominenter naar buiten. Met hier en daar een lezing of debat, met een televisieoptreden bij Nieuwsuur en met een paginagroot interview in het dagblad Trouw. Wij maakten hem voor het eerst mee als keynote speaker bij de uitreiking van de Abe Bonnema Prijs op dinsdag 01 december in het Rijksmuseum. Zie boven de foto van Abe, waarmee deze ons toch enigszins persoonlijk kon ontvangen bij binnenkomst van het auditorium. Floris Alkemade maakte direct indruk met zijn verhaal met als officiele titel 'Dialoog tussen generaties in architectuur moet zich richten op nieuwe toekomstscenario's'. Eenvoudig gekleed in overhemd, bescheiden maar krachtig postuur en uit het hoofd gemakkelijk maar precies formulerend, mede aan de hand van zorgvuldig gekozen beelden en projecten.


 Zijn introductie van het thema dialoog eindigde prachtig:'[...] Architectuur is een bijzondere discipline waar ook verdwenen generaties nog actief blijven deelnemen aan het debat. Met bovendien een vreemde omkering: in onze op vooruitgang gerichte cultuur verliest verouderde kennis razendsnel zijn waarde, terwijl verouderde architectuur juist aan waarde wint.' Om vervolgens door te gaan naar Shakespeare's Hamlet 'als metafoor voor de dialoog met de vorige generatie'. Waarna hij dat 'dramatische verband tussen reflectie en actie' bij Hamlet koppelde aan de keuzes waar wij actueel voor staan ten opzichte van de grote aanwezige gebouwenvoorraad.
Aan de hand van drie eigen projecten toonde hij ons enkele van de mogelijke keuzes en zo trokken stapsgewijs Zeche Zollverein Essen, Les Halles in Parijs en het stadscentrum van Almere aan ons voorbij. Telkens afgesloten met een filosofische of thematische reflectie, al terugkijkend op de tastbare of beeldende resultaten.



De afronding van de voordracht was net als de introductie weer bijna poëtisch van aard, door te verwijzen naar zijn 'verlangen naar een visionaire utopische blik zoals bijvoorbeeld die van Constant Nieuwenhuys in zijn ontwerp voor Nieuw Babylon'. En zijn krachtige slotboodschap: 'Onze moderne levens zijn zo onwaarschijnlijk comfortabel geworden, dat toekomstvisies zich vooral op het voorkomen van een dreigend verlies lijken te richten. Aan de architect om over de toekomst na te denken in termen van winst.' Met name over die laatste constateringen zouden we nog wel eens met Floris door willen praten, maar het was in ieder geval een verademing om weer een Rijksbouwmeester te horen, die zowel vanuit de diepere inhoud en kwaliteit denkt, handelt en agendeert, als ons daar verrassend boeiend over kan verhalen. Aan de latere reacties op Alkemades betoog te merken, werd onze bewondering gelukkig breed gedeeld.



Een week eerder hield de Vaste Commissie voor Wonen en Rijksdienst van de Tweede Kamer een hoorzitting over de plannen van minister Stef Blok - tevens de politieke baas van Floris Alkemade - met de gebouwen rondom het Binnenhof. Die blijken toe aan een opknapbeurt en de minister had door de Rijksvastgoedorganisatie twee opties laten uitwerken. Eentje waarin de panden stuk voor stuk worden gerenoveerd en de meeste gebruikers kunnen blijven zitten, hetgeen zo'n 13 jaar gaat duren en een rigoureuze renovatie in één keer voor welke alle gebruikers gedurende 5,5 jaar elders gehuisvest moeten worden. Blok opteerde voor die uitplaatsing, maar de Kamerleden wilden er zelf nog meer van weten en vroegen onder meer drie architecten naar hun mening over de kwestie. In een krap half uur deelden André van Stigt (denk aan zijn Hallen-project), Hans van Heeswijk (architect van de uitbreiding van het Mauritshuis) en Pi de Bruijn (oorspronkelijk architect van de Tweede Kamergebouwen) hun visie met de Kamer.





Van Stigt en Van Heeswijk reageerden glashelder: natuurlijk is het Binnenhof helemaal geen groot project, maar een serie kleine projecten, die wat hen betreft - mede vanuit hun grote ervaring met dit soort renovaties - binnen de gewenste 5,5 jaar gewoon stuk voor stuk kunnen worden aangepakt. De Bruijn hield zich een beetje op de vlakte en stelde dat hij natuurlijk wel heel veel van het ingewikkelde Kamerproces wist en dat het vanuit die ingewikkelde interne logistiek waarschijnlijk moeilijk zou worden zonder uitplaatsing van het hele Kamergebeuren. Hier wreekt zich natuurlijk de gestaag afgekalfde eigen kennis van de voormalige Rijksgebouwendienst. Was er vroeger nog een organisatie waar een ieder te rade kon voor de complete know-how rond alle aspecten van het bouwen, of het nu ontwerp, constructie, electrotechniek of werktuigbouwkunde was, tegenwoordig is er nog slechts een handjevol deskundigen beschikbaar, dat vooral verstand heeft van contracten en uitbesteden. Het neoliberale beleid van de afgelopen decennia was desastreus; de markt is leidend geworden en de daar aanwezige kennis is dus belanghebbend en zeker niet onafhankelijk meer. De Rijksvastgoedclub is nog slechts beperkt bezig met enkele grote DBFMO projecten en met het afstoten van taken en panden. En verzorgt hier en daar nog tijdelijk rondleidingen door enkele paleizen. En als je alle taken hebt afgestoten, ben je straks zelf niet meer nodig, toch?




 Mede daarom was het knap dat Floris Alkemade ook hier koos om de buitenwereld te laten zie hoe je met de kracht van het ontwerp en de inventiviteit van architecten dit soort problemen kunt aanpakken. Kennelijk had hij zich strategisch al neergelegd bij de verhuizing van de Tweede Kamer naar de 'Apenrots', het voormalige ministerie van Buitenlandse Zaken, zie foto's boven. En Floris nam de kijkers van Nieuwsuur mee naar de meest onooglijke ruimte van dat gebouw. Kijk, we hebben het ontwerptechnisch onderzocht en de vergaderzaal van de Tweede Kamer kan prima in deze expeditieruimte worden gerealiseerd: 'Tja, je moet er natuurlijk wel een beetje doorheen kijken...' (en de kijker dacht: kennelijk kan die meneer dat wel). Onnavolgbaar om zo over Alkemades schouder mee te kunnen kijken bij deze glasheldere presentatie. Met zijn eigen bescheiden clubje adviseurs, in dit geval nog aangevuld met Powerhouse Company had hij de plannen al gevisualiseerd en onder zijn arm meegenomen. En we herkenden direct die bekende blauwe stoelen van de hand van Pi; de gelikte interieurperspectieven deden de rest. Terwijl Floris alweer buiten was en nog even terugkeek naar de potdicht gemetselde gevel van de begane grond, meldde hij nog tussen neus en lippen: 'Ja, hier moeten de buitengevels natuurlijk nog wel wat opengebroken worden'. En weg was hij weer, de kijkende leek in stille bewondering achterlatend. Dat komt wel goed, moet die gedacht hebben.





Dan nog de vermelding van het paginagrote interview van Alkemade met dagblad Trouw onder de kop 'Verbouwen met lef'. Daarin deelt de nieuwe Rijksbouwmeester zijn gedachten en plannen met stad en land nog uitgebreider met de lezer. Zijn belangrijkste statement daar - net als in Nieuwsuur - was direct ook van politieke betekenis: 'Nederland is niet vol, Nederland staat leeg'. Laat Wilders het maar niet horen zou je denken. En wist u al dat hij inmiddels een ontwerpcompetitie heeft uitgeschreven om architecten te laten meedenken over slimme en eenvoudige woningen voor asielzoekers en vluchtelingen? Wat ons betreft smaken die eerste maanden van Rijksbouwmeester Floris Alkemade al direct naar meer! We wensen hem daarom toe dat hij samen met zijn groep adviseurs - kan het zijn hier en daar nog strategisch uitgebreid met een enkele slimmerik uit eigen netwerk - de problemen die op zijn bordje komen voortvarend en even verfrissend als boven vermeld kan aanpakken. Dan hebben we nog vier tot vijf mooie jaren met hem te gaan.




[Bekijk hier het tv-interview in Nieuwsuur. Zie hier de complete tekst van Alkemades Bonnemalezing en lees hier het gehele Trouw-interview. De genoemde competitie werd hier aangekondigd en Floris Alkemade gaf via Radio1 een toelichting.] - 11 januari 2016 - BOX 1.700

Berichten uit de voorgaande maanden in het
* Archief-overzicht.
*

© 1997-2016. Copyright ArchitectenWerk.
|