 |
 |
Pias als president? [2]
De laatste tijd verschijnen er steeds meer berichten waarin onze gewaardeerde voorzitter Carel Weeber wordt opgevoerd als slappe grappenmaker. Door mede-leden als welstands-architect D. Gortzak in zijn brief 'Pias als president' waarin hij naar aanleiding van negatief commentaar van CW op het welstandstoezicht hoopte dat de BNA '... binnen afzienbare tijd verlost zou zijn van een miezerende voorzitter'. Of door journalisten zoals in het verslag door Piet Vollaard op ArchiNed van het afscheids- symposium van Noud de Vreeze waarin over CW het volgende: 'Weebers rol bij dergelijke bijeenkomsten begint steeds meer die van hofnar te worden; er wordt smakelijk gelachen, maar de voorstellen serieus nemen, daarvan lijkt nauwelijks meer sprake'. Dit naar aanleiding van Weebers negatieve opvattingen van het beeldkwaliteitplan als instrument.
Ik krijg er langzamerhand genoeg van, vandaar deze reactie. In Architectuur/Bouwen van februari 1993 is een aantal artikelen opgenomen als reactie op Weebers eerste discussiebijdragen als BNA-voorzitter. Als tot dan toe vrij 'slapend' BNA-lid deed ik toen een aantal suggesties om de BNA aantrekkelijker te maken. In kort bestek: meer aandacht voor de jonge collega's, betere belangenbehartiging, een beter vakinhoudelijk debat, geen getrapte vertegenwoordiging meer en professionelere promotie van de BNA.
Het is aardig om zo'n vier jaar later te zien wat onze 'pias' Carel Weeber er van gemaakt heeft: een tweejarige PAS-opleiding gerealiseerd, bij elke vergadering een vakinhoudelijk symposium, beslissingen via 'one man, one vote', en spraakmakende optredens [niet zelden op de buis] met een grote kijk- en luisterdichtheid. Als BNA-voorzitter [en natuurlijk als architect-ondernemer] trekt CW vandaag nog ten strijde tegen de gemeentelijke architectenlijstjes en tegen de overheid in het algemeen, die meer wil sturen via re-regulering zoals het beeldkwaliteitplan.
Dat hij daarbij graag oreert tegen de - bijna altijd door overheidssubsidies in leven gehouden - 'architectuurmafia' en de 'burch.-adma's' [overheidsdienaren, bureauchefs-administratie] en hun vaak verstrengelde belangen en meningen, ondersteun ik van harte. Gelukkig is er nog een collega in de vereniging die, zonder bang te zijn een opdracht te verliezen, lariekoek openlijk aan de kaak stelt. Dat daarbij vaak wordt gelachen is wat mij betreft mooi meegenomen.
De rol van hofnar was toch ook om, naast het vermaken van de aanwezigen aan het hof, tegelijkertijd het aanwezige publiek onder het mom van dwaasheid de waarheid te zeggen - zie King Lear? Dat ik me na al die jaren nog niet echt thuis voel bij BNA-bijeenkomsten [evenals bij groepen met een hoog 'architectuurelite'-gehalte] komt waarchijnlijk omdat er onder de toehoorders vaak maar zo weinig goede verstaanders zijn.
|
 |