09-08-1999 BladNA [1999] 9 - Reactie op het schrappen van de 1 minuut stilte voor de overleden BNA-leden

1 minuut lawaai voor de levenden

Ik ben nu meer dan tien jaar lid van de BNA en woon regelmatig de algemene vergaderingen bij. Vanaf de eerste maal ben ik onder de indruk geraakt van de waardige manier waarop de overleden BNA-leden in stilte en staand worden herdacht. Het is misschien een ouderwetse gedachte, maar er is tenminste een plek waar ikzelf ook na mijn overlijden waardig door mijn vakgenoten wordt herinnerd, denk ik vaak.

Bij het begin van de laatste halfjaarlijkse ledenvergadering van de BNA in Nagele bleken twee vaste agendapunten geschrapt te zijn. Het herdenken en de meestal daaropvolgende introductie van nieuwe leden werd door de huidige voorzitter Jan Brouwer niet meer opportuun geacht. Hij vond het niet meer van deze tijd en stelde voor om de herdenking te verplaatsen naar BladNA.
Dat hij mij op die middag de gelegenheid ontnam om letterlijk stil te staan bij het verscheiden van een tiental collega's maar in dit geval ook bij ons erelid Aldo van Eyck, vond hij minder belangrijk. Uiterst sportief bracht hij mijn protest echter wel in stemming, waarop de meerderheid van de daar aanwezige leden het met zijn standpunt eens bleek te zijn.
Mijn idee is echter, dat de meerderheid van alle verenigingsleden het misschien wel met mij eens is dat je niet zomaar na meer dan 150 jaar een dergelijk agendapunt schrapt, vandaar dit ingezonden stuk. Voor mij is een vereniging, die zijn leden niet waardig en in stilte kan herdenken, ten dode opgeschreven en komt daarmee los te staan van haar eigen rijke historie.

Op de dag van de genoemde vergadering in Nagele bleek ook nog Piet Blom plotseling te zijn overleden en zojuist ontvingen we het bericht dat Frank van Klingeren niet meer leeft. Voor mij leven ze - net als Aldo van Eyck en mijn leermeester Har Oudejans - door in hun werk, hun visie en hun zeer persoonlijke houding in het vak en ik stel daarom voor om op de volgende algemene vergadering in het Popcluster 013 in Tilburg [van de hand van Benthem Crouwel Architecten] een minuut lawaai aan die 'levenden' te wijden.
De professionele installatie aldaar kan dan voor de 'dode' aanwezigen op vol vermogen worden gezet en bijvoorbeeld een minuut schreeuwzingen van de 'Raggende manne' ten gehore brengen.

Zelf ben ik tevens gestart met het ontwerpen van grafmonumenten voor de nog levende 'dode' architecten, te beginnen met het monument voor het bestuur van de BNA. U begrijpt wel dat in dat ontwerp vooral hang- en tuiconstructies zullen worden gebruikt om die tombe juist los te houden van de aarde.

09-08-1999