* Ontwerponderzoek: de Week van het Lege Gebouw



Tijdens de week van het Lege Gebouw, die plaatsvindt van 30 mei tot en met 3 juni 2013, staat een week lang één gebouw centraal; een iconisch voorbeeld van leegstand anno nu: Raamweg 47 in Den Haag [zie foto's], het voormalige Europol-gebouw dat verlaten is omdat men een groter pand nodig had. Maar ook staat de nieuwe generatie centraal: studenten van maar liefst 14 opleidingen van allerlei disciplines onderzoeken en bediscussiëren samen, als een ware Sherlock Holmes, wat er met dit gebouw zou kunnen. Het gebouw wordt bestudeerd, maar ook nieuwe manieren van onderwijs en samenwerken tussen de verschillende aan hergebruik gerelateerde opleidingen. De Week van het Lege Gebouw levert dan ook hopelijk inspirerende en realistische plannen en strategieen op voor de Raamweg, maar ook wordt in beeld gebracht wat interdisciplinair werken inhoudt en wat dat betekent voor de verschillende opleidingen.



De Week van het Lege Gebouw is om een aantal redenen een uniek evenement. De Week is een samenwerking van veertien verschillende opleidingen vastgoed, erfgoed, bouwtechniek, renovatie en ontwerp. Docenten en studenten gaan werken in zeven interdisciplinaire teams. Samen proberen ze nieuw werkmethoden en oplossingen te genereren voor de hergebuik opgave. Daarnaast hebben een groot aantal deskundigen op het gebied van hergebruik zich bereid getoond een bijdrage te leveren. Als spreker, deskundige of als expert tijdens de afrondende presentaties. Onder andere Frits van Dongen, Paul Schnabel, Fieke Meindertsma, Marinke Steenhuis en vele anderen.



De resultaten zijn tweeledig. De zeven teams presenteren hun oplossingen voor het gebouw aan de Raamweg. De resultaten worden uitgereikt aan de wethouder stadsontwikkeling van Den Haag, Marnix Norder en aan Eva Klein Schiphorst, directeur van de Rgd. Tevens wordt er gedurende de week een pleidooi opgesteld over het onderwijs in relatie tot de hergebruik-opgave. Tijdens een debat tussen onderwijsinstellingen wordt dit pleidooi bediscussierd. Aansluitend wordt het pleidooi aangeboden aan Jet Bussemaker, de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen [onder voorbehoud).



[De Week van het Lege Gebouw wordt georganiseerd in opdracht van het Nationaal Programma Herbestemming, het Atelier Rijksbouwmeester en de Rijksgebouwendienst. Zie hier in pdf het geplande programma. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Machiel Spaan, coordinator van de Week van het Lege Gebouw - m.spaan@m3h.nl - 06.24888493.] - 30 april 2013 - BOX 1.641


* Transformatiecongres: buitenstaanders stelen show

Afgelopen woensdag 17 april was De BOX aanwezig bij het eerste congres van het nieuwe cross-mediale platform Architectenweb. Waar eerst een website en een tijdschrift met abonnees werden gemaakt, is nu een nieuw verdienmodel in praktijk genomen: een groep toeleveranciers die als partner een thema sponsoren, dat vervolgens op meerdere manieren wordt uitgepond in bijeenkomsten, publicaties en op internet.
Maar goed, voor 25 piek [plus 24 piek voor de dagkaart parkeren - maar inclusief lunch en borrel - en dus altijd nog een stuk goedkoper dan de vele honderden euro's voor het jaarcongres van concurrent 'de Architect'] waren we aanwezig op het eerste van drie congressen: het 'grote' transformatiecongres in het voormalige Trouwgebouw in Amsterdam.



Met interessante sprekers en met meer dan 220 - vooral jonge - toehoorders. Na de opening door Michiel van Raaij sprak architect Bjarne Mastenbroek als eerste. Hij meent dat eigenlijk elk architectonisch project een transformatie inhoudt. Met enige nadruk op de wisselende funderingsproblematiek liet hij vervolgens gewoon eigen werk zien aan de hand van een tiental projecten. Voor ons vooral interessant het recent opgeleverde en met grond bedekte congrescentrum van Novo Nordisk in Denemarken [zie foto hierboven].



Na hem een interessante lezing van Paul Diederen [zie foto hierboven] over een serie transformatieprojecten in het zuiden des lands, vooral rond Eindhoven. Zijn bureau diederendirrix heeft al vele malen laten zien dat ze dergelijke opgaven op eigen wijze en deskundig tot een goed - maar meestal minder spectaculair - einde brengen.
Aansluitend aan een kort intermezzo van aluminium kozijnenfabrikant Reynaers, volgde een werkelijke prachtlezing van de Belgische architect Johan Anrys, partner in 51N4E Architecten uit Brussel [zie foto hieronder].



Zeer consciencieus bouwde hij zijn verhaal op, natuurlijk met gerealiseerde projecten als illustratie, maar ook met een tiental 'prikkelende gedachten' [telkens beginnend met de letters 'RE' zoals in rediscover, reposition, reduce, reframe, restructure, en zo verder] betreffende het onderwerp van de dag. Zijn uitspraken waren op momenten opvallend ethisch van aard en ook in de richting van zijn cliënten zoekt hij telkens de grenzen op: "Bevraag en bestook uw opdrachtgever tot hij u het huis uit wil gooien..."



Vooral de transformatie van een woning in een bos maakte diepe indruk. Daar bestond de architectonische interventie onder meer uit het plaatsen van een witgeschilderde en manshoge stalen muur op enige afstand van en rondom de woning; juist om een nieuwe overgang naar het omliggende bos te maken, maar ook en direct visuele uitbreiding te bieden aan de bestaande ruimten en functies.



Dat de witte muur slechts bestaat uit een staalplaat van nog geen 12 millimeter dikte [zoals hierboven te zien], bracht het resultaat zowel uiterste distinctie als onverwacht spektakel.
De ochtend sloot af met een keurig verhaal van Tess Broekmans van Urhan Urban Design over de aanpak van stedelijke transformaties.



De prettige lunch werd vanwege het prachtige weer door de deelnemers voornamelijk buiten genuttigd. Waarna we weer doorgingen met het congres, allereerst met een interview van Michiel van Raaij met de makers van het televisieprogramma 'De Slag om Nederland', Roland Duong en Teun van de Keuken [mede vanwege hun adequate maar ook ontspannen antwoorden tevens bijzonder bevorderlijk voor een goede spijsvertering].



Terugkijkend op hun werk waren zij werkelijk verrast dat wij allemaal meedoen aan de vastgoedbubble [via de kennelijk noodzakelijke beleggingen met onze eigen pensioenen]; maar er waren toch ook al wethouders en CEO's gevallen door hun acties - denk aan de baas van KPMG. Een ander opmerkelijk punt in het gesprek bleek hun eigen bedrijf te betreffen. Als programmamaker [lees ontwerper] hadden ze bijna geen poot om op te staan, als producent [lees ontwikkelaar] werden ze pas serieus genomen door de omroepbazen. Het is nog niet zeker of ze volgend seizoen door kunnen met DSON, dat hangt immers mede af van de ontwikkeling van hun kijkcijfers.



Voor de theepauze en het grote slotdebat konden we nog luisteren naar een aardig verhaal van Sylvia Pijnenborg, de drijvende kracht achter BOEi, een niet op winst gerichte beheer- en ontwikkelmaatschappij voor het behoud van industrieel erfgoed [bekend van de Caballero-fabriek in Den Haag].
De nuttige dag sloot af met een debat, helaas met veel teveel deelenemrs, die ook nog eens ieder hun eigen introductie mochten uitspreken... Vanwege die overdaad is er bij ons niet echt veel van de stellingen en de discussie blijven hangen.



Of het moet de interessante introductie van de Amsterdamse wethouder Maarten van Poelgeest zijn geweest. Hij vertelde over de instrumenten die hij maximaal inzet tegen de leegstand in zijn stad. Bijvoorbeeld een maandelijks gesprek met de eigenaren van de tien grootste leegstaande gebouwen: "Ze vinden het dan toch vervelend om helemaal niets te kunnen melden, dus die uitnodigingen helpen beslist, ze moeten tot actie komen."
En zo bleken de relatieve buitenstaanders de werkelijk interessante deelnemers van dit toch geslaagde congres te zijn. Zoals de al genoemde wethouder, zoals de twee intelligente televisiemakers en zoals onze fantastische Belgische collega Anrys. Architectenweb zal nog online en in print verslag doen van het congres en ze hebben er nog een paar in voorbereiding. We zien er naar uit.
[Het congres werd georganiseerd door een team van architectenweb. Daar is inmiddels ook een verslag te lezen.] - 20 april 2013 - BOX 1.640


* Onvolledige oogst bij Gebouw van het Jaar 2013

In de komende weken wordt bekend wie de winnaar wordt van de BNA gebouw van het Jaar Prijs 2013. Stap voor stap zullen de regionale prijsuitreikingen de kanshebbers laten zien, te weten 11 april voor de regio West [winnaar daar inmiddels bekend: St.Nicolaaslyceum van dp6 - zie beeld hieronder], 18 april voor de regio Noord/Oost, 25 april voor de regio Zuid en dan op 16 mei de presentatie van de landelijke winnaar. Zoals we ook vorig seizoen al deden, bespreken we hier kort de 12 genomineerden en doen een educated guess voor de prijs...
Nu is een prijs zo goed als zijn jury en die bestaat hier uit drie groepen. Los van de voorzitters kennen we de meeste juryleden (nog) niet, daarom eerst een overzicht: jury West - Edwin Oostmeijer (vz), Titus Mars, Guus Zeillemaker, Bert Dirrix en Flip ten Cate; jury Noord/Oost - Dick van Gameren (vz), Coen Kampstra, Ernst Havermans, Vincent Kuypers en Bart Lipsch; jury Zuid - Aart Oxenaar (vz), Hanneke Rinkel, Willemien van Duijn, Daan Josee en Miranda Nieboer.
De regionale voorzitters vormen samen met voorzitter Koen van Velsen de landelijke jury. En dan nu naar de genomineerde projecten, te beginnen met de woongebouwen:



Een woonproject van Bedaux de Brouwer in Helmond; altijd strak modernistisch, altijd mooi gemaakt, niet veel bijzonders dus.



Een stadsproject in collectief particulier opdrachtgeverschap van Bastiaan Jongerius. Interessant project, actuele opgave, maar om nou te zeggen winnend?



Een prachtige, dure en grote solitaire woning van Grosfeld van der Velde voor een kapitaalkrachtige opdrachtgever... en die hebben we dan wel eens mooier gezien.



Of een slimme en volumineuze opbouw van gestapelde woningen op een bestaand winkelcomplex van Ibelings van Tilburg architecten. Ook daarvan zagen we in vorige jaren wel indrukwekkender voorbeelden, nietwaar?



Tenslotte het wat ons betreft meest interessante woningbouwproject van de hand van denieuwegeneratie. Het principe van de met grond bedekte woning is niet nieuw, maar wordt in ons land vanwege de beperkte energiewinst in het zeeklimaat nog niet veel toegepast. Toch kun je zien dat de architecten hier met veel liefde en aandacht aan hun eerste project hebben gewerkt. Een mooi groot volume, slim en duurzaam, maar dan wel met de architectonische uitstraling van een vorig decennium...
Door naar de utilitaire projecten:



Een sportcomplex van Mecanoo, met als opvallendste kenmerk de gemetselde dozen van verschillende hoogte die werden geplaatst op een basement van glazen puien. Waren de andere ingezonden projecten van Mecanoo - University College en Kaap Skil - niet veel interessanter?



Een school van dp6, met van buiten een welvende compositie, maar van binnen toch ook weer een gedateerde - en zelfs enigszins sombere sfeer.



Een mooi kantoorgebouw van Paul de Ruiter. Hij bouwde er al vele en deze heeft dan als bijzonder aspect afgeronde glazen hoeken.



Een zwembadcomplex van VenhoevenCS. Bij nadere bestudering weer volstrekt anders vormgegeven dan eerdere projecten, maar toch wel een echte Venhoeven geworden; past mooi in het oeuvre.



Een transformatieplan van de hand van Diederendirrix. Bestaand gebouw opgeknapt en geschikt gemaakt voor nieuwe functie voor de TU Eindhoven. Actuele opgave, netjes gedaan, materiaal- en kleurtoepassing hadden beslist vrolijker gekund... Onbegrijpelijk dat de jury dan de gerenoveerde W-hal met opbouw van Ector Hoogstad over het hoofd ziet?



Interessant cultuurproject De Nieuwe Kolk van De ZwarteHond. Terecht geselecteerd, zowel buiten als binnen ruimtelijk rijk en veelal mooi voorzien van daglicht. Een landelijke winnaar? We weten het niet.



Het laatste project uit de juryselectie, een bedrijfsgebouw voor een grote hovenier. Eenvoudig van opzet, naast een simpele no-nonsense uitstraling toch met een geheel eigen beeld en atmosfeer. Mooi gebruik van de rode kleur in relatie tot de andere, veelal natuurlijke materiaaltoepassingen.
Maar... zien we nu een overduidelijke winnaar? Met de kwaliteit en de potentie - zoals de Villa 4.0 vorig jaar - om het architectenvak overduidelijk te promoten in het land? Wat ons betreft helaas niet. Wel werden we nog geattendeerd op een mooi plan dat niet gekozen werd:



Het betreft de uitbreiding van Villa Heidebad, het conferentiehotel in Epe van de hand van architect Tim Versteegh. Wij kregen het gevoel een werk van Herzog de Meuron te zien, en zelfs de sfeer van Zumthor kwam op ons over - denk aan zijn Serpentinepaviljoen in Londen. Maar goed, deze jury koos anders.

Tot besluit van deze overweging is er eigenlijk maar één gebouw dat de prijs dit jaar werkelijk zou verdienen, namelijk het nieuwe Stedelijk in Amsterdam van Benthem Crouwel Architecten. Het werd om onbekende redenen echter niet ingezonden door het bureau.
Gedurfd, controversieel, eigentijds, innovatief, perfect functionerend, en vooral als voorbeeld van vaderlandse ingenieurskunst; we menen dat elke zichzelf respecterende jury - zeker door de regels heenkijkend - het Stedelijk gewoon had moeten nomineren en uiteindelijk voordragen als BNA Gebouw van het Jaar 2013.
[ > Kees van der Hoeven - Wassenaar].



[Zie hier de website van het Gebouw van het Jaar 2013. Of bekijk ook de eerdere BOX-berichten 1.609 en 1.610 over het BNA Gebouw van het Jaar 2012.] - 09 april 2013 - BOX 1.639


* D'Ooievaar weer actief tegen Spuiforum Den Haag

Hoewel de Haagse gemeenteraad al heeft besloten het aangepaste Spuiforumplan van Neutelings Riedijk Architecten te gaan bouwen, is er nog steeds actief protest tegen het 180 miljoen kostende bouwplan in het centrum. De in de jaren '70 opgerichte werkgroep D'Ooievaar - nieuw leven ingeblazen door de architecten Hans van Beek en Peter Drijver - is in deze maanden aan het doen wat de gemeente verzuimde, namelijk het organiseren van inhoudelijke debatten rond de toekomst van de Haagse cultuur.



Afgelopen dinsdag 26 maart 2013 was de eerste drukbezochte bijeenkomst in Pulchri Studio aan het Voorhout en er volgen er meer [zie geheel onder voor nadere info]. We waren er zelf niet bij, maar lazen het heldere verslag van dat eerste Stadsgesprek van Casper Postmaa. Als bijdrage aan de avond sprak auteur Christiaan Weijts een column uit die we u hier niet willen onthouden:

"Moet Den Haag op Parijs gaan lijken? Je zou het haast denken als je onze wethouder Marnix Norder hoort, van Stadsontwikkeling, Volkshuisvesting en Integratie. Een jaar of vier geleden kondigde hij een grote opknapbeurt van het gebied tussen Hollands Spoor en Centraal Station aan. Het moest een bruisende buurt worden, met antiekwinkeltjes, restaurants, ambachtelijke bedrijvigheid. De Rode Loper heette het, en het ging zoiets worden als het Quatier Latin. Het kunstenpaleis Spuiforum vergelijkt diezelfde Norder nu voortdurend met het Centre Pompidou. Nog even, en we kregen een Eiffeltoren op het Malieveld.
Het gaat me er nog niet eens zozeer om dat er niets van die plannen terecht komt. Ik weet niet of u onlangs nog van Hollands Spoor naar Centraal Station bent gelopen, of andersom, maar ik kon me in elk geval niet herinneren dat er in het Vijfde Arrondissement zoveel panden stonden met dichtgespijkerde ramen. Van de Rue de Mouffetard herinner ik me niet de smoezelige belwinkels en de graffitigevels. Ik wist niet dat het Quatier Latin zo'n treffende gelijkenis vertoonde met de Gazastrook. Maar daar gaat het me, zoals gezegd, niet om.



Vanavond wil ik even stilstaan bij de merkwaardige neiging om altijd voorbeelden uit buitenlandse metropolen te nemen. Het Spuiforum zal het Haagse equivalent zijn van het Pompidou en het Tate Modern.
Parijs, Londen! Er is nog altijd het streven om mee te sparren met de grote jongens, en juist daarin verraadt de Haagse gemeentepolitici hoe klein zij zich voelen. Zoiets als Lelystad en Almere die ineens claimen een eigen Grachtengordel te hebben. Zoiets als Amsterdam dat zich het Venetië van het Noorden noemt. In Parijs of Londen is het nooit in iemand opgekomen om zichzelf tot het New York van Europa uit te roepen.
Wanneer ik luidkeels zou verkondigen dat ik een boek ga schrijven zoals van Thomas Mann of Philip Roth, zou ik onmiddellijk en terecht worden uitgelachen, niet alleen om het kleingeestig-calimero-achtige van zo'n uitspraak, maar ook om het gebrek aan eigenheid, om het stompzinnige epigonisme.
Wethouders die kleingeestig, Calimero-epigonisme bedrijven, verdedigen zich door te zeggen dat ze eindelijk eens 'ambitie tonen'. Maar welke ambitie zien we nu eigenlijk? Welk probleem lost het Spuiforum op? Het lekkende dak van het NDT van Koolhaas? Ik weet dat er veel oplichters onder loodgieters opereren, maar 180 miljoen lijkt me net iets teveel voor een lekkage.



Het Spuiforum zal niets aan het bestaande cultuuraanbod toevoegen. Cultuur en amusement zijn in Den Haag van oudsher verspreid geweest over de stad, in salons, kleine theaters, galeries, en in de grotere podia zoals het Circustheater, Kurhaus, Schouwburg en de Anton Philipszaal. Voor buitenstaanders lijkt Den Haag 'geen echt centrum' te hebben, en is het 'meer een verzameling dorpen'.
"Den Haag begint elke honderd meter opnieuw," heeft Harry Jekkers eens beweerd. Zo is het ook met het museum-, theater- en concertaanbod. Het ligt verspreid ergens tussen Voorburg en Monster, tussen Rijswijk en Duindorp, en tussen Scheveningen en Kijkduin. Dat is historisch gegroeid, en daarom werkt het. Ook al schrikken toeristen altijd even als je ze vertelt dat ze een tram moeten nemen naar het Gemeentemuseum. Kunstmatig en van bovenaf een groot cultuur- en evenementenmoloch aan de stad opdringen past niet bij het karakter van Den Haag. Het enige karakter waarbij het past is het narcistische en megalomane karakter van wethouders en burgemeesters met een hoogbouwambitie, die denken dat je in de wereld alleen meetelt als je je stad laat lijken op een miljoenenmetropool.



Het Spuiforum moet van Den Haag iets maken wat deze stad niet is, en bovendien gaat dat ten koste van wat deze stad wél is. Cultuuraanbod en cultuureducatie worden elders in de stad gekortwiekt, terwijl juist die spreiding ervan door de hele stad heen, in grotere en kleinere verbanden, zo kenmerkend is voor de Haagse kunstwereld. Dat lijkt veel meer op het Quatier Latin, maar zal zich godzijdank nooit zo noemen. Als we daar in zouden investeren, is er misschien over vijftig jaar een wethouder in Dubai die een wijk wil opknappen en zegt: 'Het moet het Den Haag van de Arabische Emiraten worden'. "
- Aldus Christiaan Weijts. We zullen de Stadsgesprekken van Dooievaar blijven volgen.

[Zelf zijn we niet tegen een fikse opknapbeurt van het culturele centrum van Den Haag. Er zou bijvoorbeeld onderzocht kunnen worden of het Danstheater van Rem Koolhaas niet toch bewaard kan worden; dan kan op de plek van de huidige Anton Philipszaal een kleiner nieuw forum gebouwd worden met de nuttige combinatie concertzaal/conservatorium.
Zie voor alle info over tegenacties de eigen website van Spuiforum-Krankjorum. Het komende Stadsgesprek is gepland op donderdag 18 april 2013 in de Foyer van Dr Anton Philipszaal, Den Haag - Aanvang: 20.00 uur (zaal open 19.30 uur) - Entree: kosteloos - Aanmelden: info@spuiforum-krankjorum.nl.] - 31 maart 2013 - BOX 1.638


* Al pratend op zoek naar een nieuwe Avant-Garde?

Het is alweer bijna twee weken geleden dat De BOX aanschoof bij een debat op de faculteit Bouwkunde naar aanleiding van een prikkelende open brief van ontwikkelaar Rudy Stroink aan de nieuwe generatie architecten en stedebouwers. In de Bouwpub hadden zich op woensdagmiddag 27 februari jongstleden - mede op initiatief van Gebiedsontwikkeling.nu - studenten en juist afgestudeerden verzameld om de degens te kruisen met Stroink over de door hem zo gemiste, c.q. gewenste 'avant-garde van deze tijd'.



Hij leidde de middag zelf kort in door aan de hand van de grote crisis in de jaren dertig van de vorige eeuw te laten zien dat er toen in ons vak al vrij snel een wereldwijde reactie op gang kwam die zijn start vond in 1928 met de oprichting van CIAM, mede onder aanvoering van Le Corbusier. Stroink betoogde dat de invloed van die toenmalige avant-garde in de actuele stedebouw en architectuur nog immer groot is, maar dat het zo langzamerhand tijd wordt dat een nieuwe generatie de inhoudelijke macht grijpt, zeker nu we opnieuw in een diepe crisis zijn beland. Hij wachtte met smart op een nieuw manifest vanuit de professie en hij bedacht zelfs al een pakkende naam voor die nieuwe avant-garde die de grote actuele problemen te lijf zou gaan: 'Movement for the Architecture of Places - kortweg MAP'.
Twee jonge architecten, Jorick Beijer en David Struik, allebei recent afgestudeerd, gingen achtereenvolgens in op die door Stroink gestelde uitdaging. Beijer bestreed de visie dat er vandaag de dag opnieuw een grote generieke opgave ligt voor onze vakdiscipline. Hij zette liever in op een 'idealistisch realisme' - lokale ingrepen die antwoord geven op lokale vragen, met een jonge generatie die als stadsdenkers 'verder denken dan utopisch stilistische vergezichten [...]' en die zich 'niet laten afleiden door revolutie, maar werken aan duurzame evolutie.' Hij sloot zijn korte betoog af met een aantal praktische suggesties, onder meer voor de context van een dergelijk idealistisch realisme: de stadsdenker als initiatiefnemer - interdisciplinair werken als noodzaak - de praktijk als onderzoeksdomein - een overheid die niet belemmert - een markt die durft - en een samenleving die kiest. Op de eerste na wat ons betreft inderdaad in het geheel niet vernieuwend met vooral de welbekende verbale dooddoeners uit het verleden.



David Struik vertrok vanuit het begrip avant-garde zelf, dat immers impliceert dat de nieuwe generatie ten strijde trekt tegen de vorige en als 'jonge kannibalen hongerig afrekent met het oude denken.' Hij stelt daar tegenover dat wat hem betreft het oude denken nog immer nuttig kan zijn; dat '[...] bekende strategieën die de crisis mede veroorzaakt hebben ook weer toegepast kunnen worden om uit die crisis te komen. Oude ontwikkelmodellen en financieringsvormen blijven bruikbaar, kennis en ervaring blijven toepasbaar. Publiek en privaat dansen samen verder, ook al staan ze vaak op elkaars tenen.' Zijn antwoord impliceert zelf te ondernemen, het zelf op zoek gaan naar nieuwe opgaven om zodoende de opdrachten 'buiten op straat tegen te komen'... Hij riep tenslotte beide generaties - die van Stroink en die van nu - op om hun krachten te bundelen en hun ervaring te verbinden.
Het aansluitende debat onder leiding van Agnes Franzen schoot helaas alle kanten op. En je merkte dat de bouwkundestudie sinds decaan Beunderman inderdaad 'wetenschappelijker' is geworden. De citaten van beroemde filosofen en andere auteurs op ons vakgebied vlogen om je oren - krijgt u ook spontaan puistjes van het woord 'paradigma'? - zonder dat er trouwens bruikbare conclusies uit voort kwamen. Wij moesten zelf weer terugdenken aan de onstuitbare opkomst van onze eigen generatie (toen die nog jong en onbedorven was). Waren de eerste teksten van Rem Koolhaas, de gedetailleerde tekeningen van Jo Coenen, het glazen huis in Almere van Jan Benthem, het tijdschrift voor wetenschappelijk amusement 'Utopia' van Hans Oldewarris en Peter de Winter, het Circus in Zandvoort van Sjoerd Soeters en later de brutale bureaubabbeltrucs van MVRDV bij de opdrachtverwerving voor de VPRO-villa niet de inventieve voorbeelden waarmee een nieuwe generatie zich gericht in de kijker speelde? Daar kunnen de jongeren van nu nog een puntje aan zuigen zou je zeggen. Maar goed, talent verloochent zich niet, dus ook uit deze lichting zullen ze later nog wel komen bovendrijven...



Wij konden ze nog slechts attent maken op het door Niels Luning Prak in 1984 gepubliceerde boek 'Architects, the noted and the ignored' - uitgegeven door John Wiley & Sons, USA, ISBN: 0471902039 en aanwezig in de centrale en de bouwkunde bibliotheek - dat op een meer wetenschappelijke wijze dat bovendrijf-proces van onze roemruchte oudere voorgangers beschrijft. Anders gezegd: Hoe wordt ik werkelijk gehoord of gezien als architect of stedebouwer? Kennelijk gaat dat bij de nieuwe generatie van Bouwkunde Delft nog wel eventjes duren. Daarom zou het interessanter zijn als Stroink samen met de aanwezige studenten een integraal onderzoeksproject voor het uitdiepen van de actuele stedelijk-ruimtelijke problematiek zou kunnen opzetten, bijvoorbeeld als nieuwe praktijkhoogleraar bij Bouwkunde?

[Foto boven: Rudy Stroink. Foto midden: v.l.n.r. David Struik, Jorick Beijer, Rudy Stroink, Agnes Franzen. Zie ook de website van gebiedsontwikkeling.nu en zie hier voor de bedoelde teksten met achtereenvolgens de oproep van Rudy Stroink, het antwoord van Jorick Beijer cs en de tekst van David Struik. Tenslotte is er eerder en verslag van Marieke de Vries verschenen op de website van de Architect.] - 12 maart 2013 - BOX 1.637



Berichten uit de voorgaande maanden in het

* Archief-overzicht.



*

© 1997-2012. Copyright ArchitectenWerk.