|

|
* Prachtboek Roorda & Kegge: Vital Architecture De laatste jaren verlang ik steeds vaker naar gebouwen die beklijven, waar je bij een eerste bezoek direct voelt dat er meer aan de hand is dan je in eerste oogopslag kunt zien, waar je dus wilt terugkomen of in het beste geval nog veel langer zou willen verblijven. Je kunt die speciale sensatie ook wel herkennen bij kleine kinderen, bij een bezoek aan een dergelijk indrukwekkend gebouw krijg je ze niet meer mee naar buiten... In de actuele architectuurproductie komt dit soort bijzondere gebouwen echter nauwelijks meer voor. Alles wat tegenwoordig wordt opgeleverd is meestal keurig gemaakt, trekt vervolgens eventjes de algemene aandacht, is soms spectaculair, maar wordt meestal weer snel vergeten. Het voldoet vaak keurig aan het vooraf beoogde doel, maar het gerealiseerde project laat nog maar nauwelijks een blijvende indruk achter, laat staan dat het kans maakt te worden opgenomen in de canon van de vaderlandse architectuur. Op naar het volgende gebouw, alstublieft.


 Bij een bezoek aan Kingma Roorda Architecten in 2009, mede vanwege filmopnamen ter gelegenheid van hun nominatie voor de Architect van het Jaar Prijs in dat seizoen, maakte ik voor het eerst uitgebreider kennis met architect Ruurd Roorda. Hij vertelde over zijn zoektocht naar werkelijke duurzaamheid en hij was toen al bezig met het uitgebreider documenteren van zogenaamde 'Great Spaces', ofwel de belangrijke voorbeelden van de sublieme architectonische ruimte. Zoals het Pantheon in Rome, maar ook het Paleis op de Dam in eigen land. De vraag 'wat we als hedendaagse architecten zouden kunnen leren van dit soort voorbeelden' was de aanleiding voor zijn onderzoek, dat hij samen met architect [en oud-medewerker] Bas Kegge en een grotere groep architectenbureaus in de jaren daarna uitbouwde tot een van de projecten binnen het later opgerichte 'BNA Onderzoek'. Dat uitgebreide onderzoek leidde kortgeleden tot een tastbare afsluiting met de boekpublicatie Vitale Architectuur met als ondertitel Gereedschap voor levensduur, die tweetalig [Engels en Nederlands] werd uitgegeven door nai010 publishers in Rotterdam. Het is werkelijk een prachtboek geworden dat binnenkort op verschillende bijeenkomsten verspreid door het land zal worden gepresenteerd en door de beide auteurs nader toegelicht.


 In de afgelopen jaren onderzochten en documenteerden ze een kleine vijftig gebouwen die de tand des tijds langer of korter hebben doorstaan. Van gebouwen van voor het begin van onze jaartelling zoals het amfitheater in Arles en het Pantheon in Rome, tot en met recente gebouwen als de architectuurschool in Nantes en de Zollvereinschool in Essen. Twintig van deze gebouwen zijn uitgebreider beschreven in het boek en alle vijftig werden opgenomen in een matrix waarin ze aan de hand van een vijftiental aspecten werden gewaardeerd. Die aspecten zijn thematisch gegroepeerd onder de trefwoorden 'economie' [grondopbrengst, afschrijving en onderhoud], 'architectuur' [polyvalentie, interieur, uitbreidbaarheid, huid vervangbaar, onverslijtbaar, locatie, great space, verfijning] en 'cultuur' [monument, museum, maatschappij, publiekswaarde]. Vanzelfsprekend wordt elk van die vijftien aspecten in het boek uitgebreider inhoudelijk toegelicht. Ze komen dus alle samen in die overzichtelijke matrix die per gebouw en per aspect de waarde in de tijd laat zien, uiteindelijk samenkomend in een totaalwaardering in de vorm van een percentage. Je vindt dan het hoogste totaal [79%] bij het Parijse Musee d'Orsay, maar eveneens bij het Centraal Museum in Utrecht. Per aspect is te zien dat met name de aspecten 'polyvalentie' [ook 79%], 'monument' en een niet bedreigende 'grondprijs' [beide 70%] bijdragen aan langjarig en liefdevol gebruik en onderhoud van dit soort vitale gebouwen.


 Het boek eindigt met een hoofdstuk 'Uitdagingen' waarin de auteurs terugkijken op het onderzoek en doorfilosoferen over mogelijk toekomstig gebruik van hun bevindingen. Ik meen dat dit waardevolle architecten onderzoek een permanenter karakter zou kunnen krijgen, bijvoorbeeld door de lijst aan waardevolle gebouwen jaarlijks uit te breiden en zodoende de nu beschreven aspecten wellicht nog te kunnen aanscherpen of uit te breiden. De aan het eind van het hoofdstuk opgenomen gebruiksaanwijzing, c.q. handleiding bij het ontwerpen van een vitaal gebouw is wat mij betreft een must voor elke architect, maar misschien meer nog voor de [professionele] opdrachtgever van gebouwen. Met voorspelbare suggesties [zoals het niet slechts denken aan een eerste programma, maar ook andere programma's van gebruik in de toekomst mogelijk maken] tot een enkele zeer verrassende aanbeveling, zoals: "[..] Vermijd locaties met al teveel dynamiek, zoals rond centra van snel groeiende metropolen en bij knooppunten van infrastructuur", waarmede de auteurs bedoeld of onbedoeld het eigen vestigingsbeleid van de overheid compleet onderuit halen...


 Er resteert slechts een klein punt van kritiek op dit waardevolle boek Vitale architectuur en dat betreft de titel. Die is volgens mij schatplichtig aan eerdere initiatieven op het gebied van duurzaamheid van de BNA. Deze titel was immers al het thema van de BNA Kubus [laureaat John Habraken] en was eerder de letterlijke titel van het zogenaamde 'Standpunt' dat de BNA uitbracht in 2002, met aanzetten voor een nieuw duurzaamheids denken, mede aan de hand van de trefwoorden 'ruimte' en 'tijd' [zie beeld hierboven]. De geschiedenis gaat weliswaar snel, maar het boek had toch minstens een noot kunnen bevatten naar dit eerdere initiatief, dat nota bene nog maar dertien jaar geleden door de BNA prominent werd gepresenteerd [onder redactie van Corinne Bouwers, Barbara Renier en Joep Habets]. Een verwijzing die wel werd vermeld door architect en hoogleraar Jon Kristinsson toen hij zijn boek 'Integraal ontwerpen - Vitale architectuur' in diezelfde tijd publiceerde. Bovenstaande kritische noot laat onverlet dat we Vitale architectuur - Gereedschap voor levensduur van Ruurd Roorda en Bas Kegge beschouwen als een van de meest waardevolle architectuurboeken van de afgelopen tien jaar.
[Zie hier ons eerdere BOX-bericht over dat BNA Standpunt Vitale Architectuur dat hier nog in zijn geheel in pdf te vinden is. Het boek 'Vital Architecture' werd uitgegeven door NAi 010 Publishers en is voor € 29,95 te bestellen bij NAi Booksellers in Rotterdam. Vormgever van het boek is Niels Schrader. Auteur Ruurd Roorda werkt als architect in Schiedam, zie ROORDAenDB en zie hier de Linkedin-pagina van de andere auteur Bas Kegge.] - 12 september 2016 - BOX 1.717/nai010
* Kirsten Hannema leidt nieuwe Jaarboekredactie Uitgeverij nai010 presenteerde kortgeleden de nieuwe, verjongde redactie van het Jaarboek Architectuur in Nederland. Voor het eerst een redactie met meer vrouwen dan mannen! Uit het persbericht: "[..]
Met de keuze voor Kirsten Hannema (hoofdredactie), Robert-Jan de Kort en Lara Schrijver zet nai010 voor de 30e editie van dit onmisbare overzicht van de Nederlandse architectuur in op een nieuwe generatie van jonge architectuurcritici en -publicisten.
'Ondanks dat deze redactie relatief jong is, verenigt ze ervaring in de architectuurpraktijk, journalistieke brille en academische reflectie op een heel hoog niveau. Ik ben ontzettend blij dat we voor de vertrekkende redactie, die ik hier graag hartelijk bedank voor hun uitstekende en bevlogen termijn, zo'n mooie opvolging hebben gevonden' aldus directeur Eelco van Welie.[..]"


 Kirsten Hannema werkt als freelance architectuurcriticus voor de Volkskrant en vakbladen als ArchitectuurNL, AWM, MARK en Museumtijdschrift. Na haar opleiding Bouwkunde aan de
TU Delft begon zij haar loopbaan als architect. In 2005 maakte ze de overstap naar het schrijven, als redacteur voor het tijdschrift A10 new European Architecture, waar ze tot 2012 werkte en ook de A10 jaarboeken maakte. Ze was jurylid voor de Jonge Maaskantprijs, de ARC Award, jurysecretaris voor BNA Beste Gebouw van het Jaar en redactielid voor het Jaarboek Architectuur 2015-2016. Sinds 2016 geeft ze als gastdocent lezingen aan de TU Delft en lessen in tekstanalyse aan de Amsterdamse Academie voor Bouwkunst.


 Robert-Jan de Kort is architect en medeoprichter van het architectenbureau De Kort Van Schaik. Gedreven door een journalistieke interesse in zijn vakgebied schrijft hij al tien jaar in verscheidene media over architectuur. Dit leidt tot een architectuurpraktijk waarin het ontwerpen en het beschouwen elkaar constant bevragen, beconcurreren en beïnvloeden. Hij schreef voor ArchiNed, AWM, S&RO, het Dutch Design Jaarboek en de publicatie van de Prix de Rome Architectuur 2014. Tevens was hij van 2010 tot en met 2016 jurysecretaris van de Hedy d'Anconaprijs voor excellente zorgarchitectuur en mede-auteur van de begeleidende publicaties. In 2013 initieerde De Kort, samen met zijn compagnon Sander van Schaik, het internationale lezingenpodium 'TALKS about architecture'.


 Lara Schrijver is Hoogleraar Architectuurtheorie aan de Faculteit Ontwerpwetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Van 2013-2014 was zij tevens DAAD gastprofessor aan de Dessau Institute of Architecture. Haar onderzoek is gericht op de architectuur van de twintigste eeuw en de theorieën die eraan ten grondslag liggen. Haar teksten zijn gepubliceerd in onder andere de Journal of Architecture, OASE, Harvard Design Magazine en Volume. Haar boek Radical Games (2009) werd genomineerd voor de 2011 CICA Bruno Zevi Book Award. Samen met Caroline Voet, Katrien Vandermarliere en Sofie De Caigny stelde zij in 2016 het boek Autonomous Architecture in Flanders samen.
De BOX wenst de nieuwe redactie een mooie en productieve tijd toe en wacht in spanning op hun eerste Jaarboek dat naar verwachting in april 2017 zal verschijnen.
[U kunt uw projecten voor het nieuwe Jaarboek nog inzenden tot 05 september aanstaande. Zie ook onze meest recente jaarboekrecensie - editie 2015-16.] - 23 augustus 2016 - BOX 1.716/nai010
* Zeven nominaties voor Daylight Award 2016 Na een rondreis door Nederland van zo'n 1.300 kilometer heeft de jury van de Daylight Award 2016 uit de 40 inzendingen zeven gebouwen genomineerd voor de tweejaarlijkse prijs die op 06 oktober aanstaande in Leiden wordt uitgrereikt. De prijs kent twee categoriën, te weten projecten kleiner en groter dan 1.000 m2. In die eerste categorie zijn twee gerenoveerde woonhuizen genomineerd. Een woonhuis in Den Bosch van EVA Architecten uit Utrecht:



En een woonhuis in Zierikzee van architect Tim de Graag uit Veldhoven:


 In de tweede categorie, projecten groter dan 1.000 m2 werden vijf gebouwen genomineerd. Het nieuwe gebouw voor de Hoge Raad in Den Haag van Kaan Architecten uit Rotterdam:


 De renovatie en herinrichting t.b.v. Schouwburg De Kampagne in Den Helder door Van Dongen Koschuh Architects and Planners uit Amsterdam:


 De gerenoveerde en nieuwe gebouwen voor het Stadhuiskwartier in Deventer van Neutelings Riedijk Architects uit Rotterdam:


 De nieuwbouw voor KWR in Nieuwegein van de hand van cepezed uit Delft:


 En tenslotte de nieuwbouw voor het Militair Museum in Soesterberg naar ontwerp van Felix Claus Dick Van Wageningen Architecten uit Amsterdam:



[Zie ook de uitgebreide website van de prijs, met daar tevens een overzicht van alle 40 inzendingen. De jury van de Daylight Award 2016 staat onder het voorzitterschap van Prof. Alexander Rosemann en bestaat verder uit Jeroen van Schooten, Paul van Bergen, Peter Lindeman, Kees van der Hoeven en Sander Mirck.] - 27 juli 2016 - BOX 1.715/LivingDaylights
* Reimar von Medings 'Volg orde' nader beschouwd
Had je vroeger in de vakpers een beperkt aantal scherpzinnige columnisten, tegenwoordig 'blogt' iedereen online over alles. Voor de opbouw en het redigeren van die vele blogteksten is helaas ook bijna nergens meer hulp of eindredactie van vakkundige journalisten beschikbaar, zelfs niet in de belangrijke vakbladen. Soms zijn die korte online verhalen interessant en lezenswaardig, maar vaak irriteren ze door hun slordigheid en abominabele taalgebruik dermate, dat ze niet onbesproken kunnen blijven. Al was het maar om er zodoende van te leren hoe het beter kan.



Een van de productievere bloggers is architect Reimar von Meding, die kortgeleden op de website van de BNA de gelegenheid kreeg om zijn mening te ventileren over verbetering en verduurzaming van de woningbouw in Nederland. Zijn column met als titel 'Volg orde' werd later ook nog doorgeplaatst naar CoBouw, het dagblad van de bouw dat onlangs werd omgevormd tot een weekblad [kortgeleden vernamen we dat ze zelfs een nieuwe eigenaar hebben, daarover wordt binnenkort meer bekend]. Wij vonden de tekst en inhoud van Reimars verhaal zo slecht en suggestief, dat we daarom zijn blog uitgebreid hebben geannoteerd. Omdat Von Meding voor de oplossingen bij de door hem gesignaleerde problemen - in bedekte termen, maar zonder het bij name te noemen - verwijst naar een initiatief van KAW architecten samen met anderen, hebben we de structuur van het architectenbureau en van die nieuwe organisatie Reimarkt eveneens nader onder de loep genomen; met interessant resultaat. Zonder dat het de lezer duidelijk wordt gemaakt, blijkt hij uiteindelijk een verdekt 'wc-eendje' te presenteren. Zie hier onze annotaties in pdf. Aanstaande vrijdag 15 juli wordt er met Von Meding zelf - tussen 17.00 en 19.00 uur - in het Spring House aan de De Ruyterkade 128 in Amsterdam over zijn blog gedebatteerd onder leiding van BNA-directeur Fred Schoorl;



[Op de beelden KAW's prijswinnende zorgproject Veilige Veste in Leeuwarden. Waar Von Meding in zijn blog pleit voor toepassing van nieuwe techniek en logistiek is hier het uiterst ambachtelijk uittimmeren en isoleren van het bestaande gebouw te zien, dat later werd bekleed met witte composietpanelen. Na een reactie van Henk Boldewijn op 13 juli hebben we twee fouten in onze tekst gecorrigeerd, zie daar.] - 12/13 juli 2016 - BOX 1.714

Berichten uit de voorgaande maanden in het
* Archief-overzicht.
*

© 1997-2016. Copyright ArchitectenWerk.
|