* Wie won het debat, de boodschap(per) of de critici?



Het was een ambitieuze onderneming... We kozen ervoor om als hart van het programma - tussen de uitreiking van de #JAPrijs en de #AvhJ-Prijs in - op 19 december 2014 in Amsterdam een debat te organiseren rondom de tweede druk van Bernard Hulsmans Double Dutch. Mede omdat het boek na publicatie vorig jaar veel stof deed opwaaien bij de architectuurcritici, maar ook omdat het op de achtergrond een rol speelde bij een discussiedag die OMA/OMA organiseerde met een groep jonge architecten in Venetië. De organisatoren daar vroegen de jonge architecten wat zij zich voorstelden bij hun werk en positie in het jaar 2024, na Double Dutch in 2014 en Superdutch in 2004... Voor het getallengemak hadden ze die laatste publicatie van de hand van Bart Lootsma uit 2000 een jaar of vier vertraagd doen uitkomen.
Daarom hadden we naast Hulsman ook Lootsma en Stephan Petermann van OMA uitgenodigd om mee te doen. Petermann bleek uiteindelijk verhinderd en Lootsma liet weten dat hij liever niet met Hulsman debatteerde: '[..] Ik vind dat een problematische figuur en ben al in de jaren 90 twee keer (drie keer?) als getuige deskundige opgetreden in juridische procedures van architecten tegen hem [..].' Gelukkig waren Hans Teerds [promovendus en docent aan de TU Delft], die over Double Dutch een kritische recensie schreef in 'de Architect' en Sander Woertman [eindredacteur van datzelfde blad] die zich eind vorig jaar vooral via Twitter uiterst kritisch had uitgelaten over het boek en zijn auteur, wel bereid om mee te doen. Het gesprek stond onder leiding van moderator JaapJan Berg.



Na een korte introductie van uitgever Eelco van Welie van nai010 Publishers [zie bovenste foto] die het succes van de eerste druk memoreerde en de tweede, met 18 gebouwen uitgebreide druk - nu zowel in het Nederlands als in een Engelse vertaling - aan de auteur overhandigde, ging Bernard zelf van start met een korte toelichting op zijn boek. Hij citeerde uit zijn inleidende hoofdstuk de waarschijnlijk meest gewraakte passage:
'[..] dat het postmodernisme zelfs nu nog niet dood is, is met twee logische redeneringen te bewijzen. De eerste is als volgt. In de jaren tachtig was Rob Krier een vooraanstaande vertegenwoordiger van het postmodernisme. Dertig jaar later zijn zijn opvattingen niet veranderd. Dus is Krier nog steeds een postmodernist. De tweede redenering gaat zo. Rob Krier was de afgelopen jaren in Nederland een van de succesrijkste architecten. Bovendien kreeg zijn succesformule veel navolging. Dus maakte het postmodernisme in ons land een bloei door in de jaren voor en na de eeuwwisseling. '
Je zou zeggen, geen speld tussen te krijgen. Naast de welbekende modernistische architectuur tierde het postmodernisme - door Hulsman op andere momenten ook wel neotraditionalisme genoemd - dus nog welig in onze steden. Hij toonde daarbij ter toelichting een van de nieuwe beelden uit het boek - van het centrum van Spijkenisse - alwaar naast het nieuwe theater van Ben van Berkel de achtergrond wordt gevormd door de traditionalistische woonvormen van de hand van Sjoerd Soeters.



Om vervolgens de vloer aan te vegen met de neerbuigende en suggestieve reacties op zijn eerste boek. Met name Sander Woertman moest het ontgelden: die had de bovengenoemde eenvoudige redenering niet willen begrijpen; had zelfs beweerd dat een dergelijk boek niet door een criticus, maar door een historicus had moeten worden geschreven; bleek niet eens te weten wie Krier was, want verwisselde Rob met diens broer Leon, en twitterde tenslotte suggestieve berichten over zogenaamde rechtszaken waarin Hulsman in het verleden gewikkeld zou zijn geweest, onder meer met de al eerder genoemde Van Berkel... Terwijl er nooit, maar dan ook nooit een rechtszaak was geweest, kortom diskrediet zonder enige grond!

Voor de goede orde hebben we daarom het archief van NRC Handelsblad nog maar even geraadpleegd om te bezien hoe die discussie de wereld in is gekomen. Ons onderzoekje leverde een paar artikelen over de Erasmusbrug op, te beginnen met een verrassing. In 1991 werd er in het openbaar een levendige discussie gevoerd over de twee ontwerpen die voor die brug in de race waren, de stokkenbrug van Maarten Struijs en de tuibrug van Ben van Berkel. Op 08 februari 1991 schreven Peter Schat en Bernard Hulsman samen een stuk in NRC 'Over bruggen', waarin juist die brug van Van Berkel aan de gemeente Rotterdam werd aanbevolen! Maar inderdaad kwamen ook kritischer stukken boven water.



Een van de laatste teksten van NRC-architectuurcriticus Max van Rooy verscheen [na oplevering van de Erasmusbrug] op 23 augustus 1996. Van Rooy was lovend over de brug, hij vond het een 'juweel', maar de twee andere gebouwen die hij onder de titel 'Een kraakpand ontwerpen; Het schots en scheve oeuvre van Ben van Berkel' beschreef, het museum in Enschede en het winkel- en kantoorcomplex aan de Nieuwezijds Kolk in Amsterdam, werden vakkundig de grond in geboord...
Nog geen twee maanden daarna, op 16 oktober 1996 schrijft Hulsman over de visuele gelijkenissen van de Erasmusbrug met de tuibrug van Calatrava in Sevilla. Hoewel het woord 'plagiaat' in die tekst vaker voorkomt schrijft Bernard: ' [..] Ondanks de gelijkenis in beeld en bijnaam is de Erasmusbrug geen plagiaat. Van Berkel heeft zijn schuine pyloon een knik gegeven en hierdoor heeft de Erasmusbrug inderdaad een 'unieke vorm'. [..]'
Maar je kunt je voorstellen dat Ben na deze twee opvolgende kritische stukken behoorlijk boos werd op NRC Handelsblad. En wellicht heeft hij een zaak overwogen, getuige de eerdere opmerkingen van Bart Lootsma in onze richting, maar zeker is dat die zaak [en dus zeker geen twee of drie] er nooit is gekomen. Op 24 oktober 1996 kregen Van Berkel en Bos van de krant de ruime gelegenheid om te reageren met een stuk onder de titel 'Critici Erasmusbrug leggen te veel nadruk op originaliteit'. Ze onthulden daarin dat de Zwaan was afgekeken van de geknikte Rotterdamse havenkranen...
Weer een paar weken later kwam de betreffende brug op onverwachte momenten in een onbedwingbare trilling terecht, waardoor deze tijdelijk moest worden afgesloten. Waarvan ook weer uitgebreid - ook in NRC Handelsblad - verslag werd gedaan. Kortom, 1996 was niet Van Berkels beste jaar voor positieve publiciteit...



Terug naar het korte debat dat volgde op Hulsmans vrij scherpe introductie. Vanzelfsprekend bood JaapJan Berg aan Sander Woertman de gelegenheid om te reageren. Dat ging hem niet helemaal goed af vonden wij, hij sprak van definitiekwesties waar het postmodernisme betrof en meende dat de ruime aandacht van Hulsman voor het neotraditionalische deel van de bouwproductie ook impliciete steun inhield voor die stroming.
Waarop Bernard direct opveerde en duidelijk maakte dat hij slechts had beschreven wat hij zag, dus zonder ook maar enige voorkeur uit te spreken, in tegenstelling tot andere architectuurcritici die het succes niet zagen of het postmodernisme al dood hadden verklaard. Voor hen bestond het gewoon niet, ze waren tegen zoveel banaliteit of vonden het minimaal oubollig of verwerpelijk, vergelijkbaar met Aldo van Eyck die zijn tegenstanders zelfs nooit met hun volledige naam besprak, maar met voornaam en letter als zogenaamde criminelen: bijvoorbeeld 'Robert V. en Michael G.' als vertegenwoordigers van de 'Rats, Posts and other Pests'... Maar goed, als de boodschap niet bevalt wordt ook nu de boodschapper kennelijk zelf verdacht gemaakt.
Woertman kon daarop nog melden dat hij zojuist in een tweet had gemeld dat er inderdaad geen rechtszaak was geweest, waarop Hulsman repliceerde dat ook die handeling weer geen blijk gaf van begrip omtrent de impact van twitterberichten. Het in het openbaar opheffen van een beschuldiging betekende immers dat er kennelijk ooit een verdenking had bestaan... nogmaals geheel ten onrechte dus.
Tenslotte kreeg criticus Hans Teerds nog het woord, hij had immers al een uitgebreide recensie over het boek geschreven. Teerds [zie foto hieronder] had nog twee inhoudelijke opmerkingen, ook over Hulsmans interpretatie van het begrip 'postmodernisme' en tenslotte over de manier waarop de gekozen gebouwen door fotograaf Luuk Kramer in beeld waren gebracht. De foto's laten de projecten nu slechts aan de buitenkant zien, hetgeen het beeld van een oppervlakkige bespreking alleen nog maar bevestigt. Waren ook interieurs getoond, dan was er zeker een rijker en gelaagder beeld ontstaan, vond hij. Omdat de aandacht, met name van de jongeren die al druppelsgewijs naar de drank waren vertrokken, enigszins verslapte en er nog een programma-onderdeel te gaan was, werd een korte pauze ingelast.



Gelukkig zagen we later bij de borrel Teerds en Hulsman nog in geanimeerd gesprek gewikkeld... Bernard had zich delen van Teerds' geschreven kritiek ter harte genomen, zo staat nu ook het Haagse stadhuis in het boek. Evenals trouwens twee extra projecten van... juist: Ben van Berkel zelve. Naast het al eerder genoemde theater in Spijkenisse is ook zijn REMU-schakelstation in Amersfoort in de tweede druk opgenomen.
Wordt ongetwijfeld vervolgd; het laatste woord over Double Dutch is nog niet gezegd.

[De foto's van de bijeenkomst zijn van Rene van den Burg. Double Dutch Double Dutch is verkrijgbaar bij nai010 voor € 29,50 zowel voor de Nederlandse als de Engelstalige uitgave.] - 31 december 2014/01 (deels aangepast op 03) januari 2015 - BOX 1.675


* Prijsuitreikingen met eerste 'Double Dutch' debat



Op vrijdagmiddag 19 december vanaf 16.00 uur vindt de prijsuitreiking plaats van de Jonge Architecten Prijs 2014 in het Mosa Architectural Centre op IJburg in Amsterdam. De jury bestaande uit Pepijn Bakker, Sascha Glasl, Hans Hammink en Sander Woertman zal de beste plannen van de 2e ronde bespreken [uit de 18 ontwerpen voor de vervangende nieuwbouw van Zeeburgerpad 51, het linkerdeel van het huidige kunstcentrum P/////AKT], de drie beste plannen een prijs geven en de uiteindelijke winnaar van de #JAPrijs 2014 bekendmaken. Aan deze prijs is een geldbedrag van € 2.500,- verbonden, mede dankzij onze sponsors Alcoa Architectuursystemen en de Bond van Nederlandse Architecten BNA.



We zijn zeer verheugd dat we aansluitend - in samenwerking met NAi010 Publishers - de 2e druk [samen met de nieuwe Engelstalige editie] van de succesvolle publicatie 'Double Dutch' van auteur Bernard Hulsman en fotograaf Luuk Kramer kunnen presenteren.
Directeur-uitgever Eelco van Welie zal dit gedeelte kort inleiden, waarna Bernard Hulsman de recent uitgebreide versie van Double Dutch nader bij u introduceert. Onder leiding van JaapJan Berg, oud-redacteur van het NAi-Jaarboek [2008-2012] zullen we debatteren over Bernards inzichten, zijn keuzes en de sterk wisselende reacties op de eerste druk van Double Dutch.
Zo zal onder meer universitair docent Hans Teerds, tevens redacteur van OASE, zijn visie op het boek - eerder verwoord in het tijdschrift de Architect - met ons delen. De aanwezige jonge generatie, zoals redacteur Sander Woertman en architect Sascha Glasl, maar ook oudere beschouwers - zoals hoogleraar Bernard Colenbrander, actueel voorzitter van de #AvhJ-jury 2014 en auteur van het jubileumkatern van het 25e Jaarboek - zullen door Berg over Double Dutch worden bevraagd.



Meld u nu aan om het debat gratis bij te wonen via info@architectenwerk.nl, er is plaats voor max. 50 extra toehoorders [op volgorde van aanmelding].
Na het bovengenoemde debat, waarvoor we eerdere reageerders natuurlijk nadrukkelijk uitnodigen [zie ook een fel online debat op ArchiNed], wordt door de jury van de #AvhJ Prijs 2014 bekend gemaakt hoe de discussie over de actuele kandidaten voor deze prijs verliep en wie zich vervolgens een jaar lang 'NL Architect van het Jaar' mag noemen. Aan deze prijs is een geldbedrag van € 5.000,- verbonden, alweer voor de achtste maal mogelijk gemaakt door onze hoofdsponsor Alcoa Architectuursystemen uit Harderwijk.
De middag wordt afgesloten met de traditionele aangeklede borrel bij Mosa.



[Op de beelden van boven naar beneden: winnende inzending van de 1e ronde van de #JAPrijs door Dingeman Deijs architect Amsterdam, het omslag van de NL uitgave van Double Dutch, idem van de komende Engelstalige uitgave, uitreiking van de #AvhJ-Prijs 2013.] - 06 december 2014 - BOX 1.674


* #AvhJ 2014 & Nieuw project RAAAF [#AvhJ 2013]





Vanaf zaterdag 22 november tot en met 07 december is in Galerie Looiersgracht 60 in Amsterdam een nieuw project van RAAAF [Rietveld, Architecture, Art and Affordances] in samenwerking met kunstenaar Barbara Visser te bezoeken. Het is een bijzonder ruimtelijk object in het kader van hun project 'The End of Sitting' dat bezoekers en onderzoekers de mogelijkheid biedt om uit te testen en zelf te ervaren hoe je anders dan zittend zou kunnen werken.
RAAAF werd vorig jaar Architect van het Jaar 2013 en Ronald Rietveld [foto hieronder links] maakt deel uit van de nieuwe jury van de #AvhJ-Prijs 2014.



De nieuwe jury bestaat verder uit projectontwikkelaar Sylvia Pijnenborg en voorzitter Bernard Colenbrander, hoogleraar architectuurhistorie en -theorie aan de TU Eindhoven.
De jury vraagt nu of u - tot begin december - mee wilt denken over nominaties van architectenbureaus voor de longlist van de prijs voor het seizoen 2014. Zie hier voor alle nadere informatie.



De Architect van het Jaar Prijs werd in 2012 gewonnen door Concrete Amsterdam [foto hierboven] en in 2011 door Atelier Kempe Thill uit Rotterdam [foto hieronder].
Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van € 5.000,- ter beschikking gesteld door hoofdsponsor Alcoa Architectuursystemen uit Harderwijk.



[Zie voor het bovengenoemde project 'The End of Sitting' de eigen website van RAAAF en lees ook het actuele artikel in de Groene Amsterdammer.] - 21 november 2014 - BOX 1.673


* Boeiende lezing Jane Hall - Assemble Studio Londen

Afgelopen vrijdag was in het programma van de prijsuitreiking van de eerste ronde van de #JAPrijs 2014 een interessante lezing opgenomen van het jonge architecten collectief Assemble Studio uit Londen (de lezing was mogelijk dankzij de steun van Bouwformatie Magazine). Architecte Jan Hall vertelde over het ontstaan en over enkele projecten van de studio.



Assemble Studio is een groeiende groep van 12 tot 15 architecten die elkaar leerden kennen tijdens hun studie aan de Universiteit van Cambridge, een compacte architectuur opleiding met maximaal 40 studenten per jaargang. Jane Hall zelf won kortgeleden een beurs voor haar promotieonderzoek naar leven en werk van de Italiaans/Braziliaanse architecte Lina Bo Bardi en begon haar praatje dan ook met enkele voorbeelden van haar fascinatie voor deze beroemde generatiegenote van 'onze' Aldo van Eyck. Zoals hieronder te zien in de reizende expositie over Bo Bardi, die door Assemble Studio werd vormgegeven en gebouwd. Overigens met bijdragen van Madelon Vriesendorp, die er beelden van papier-maché voor maakte.



Na hun studie in Cambridge gingen ze in Londen aan de slag, meestal als assistent ontwerper bij verschillende architectenbureaus. Ze ontmoetten elkaar na het werk in de pub en bespraken hun vaak minder bevredigende ervaringen in deze architectenpraktijken. Daarom besloten ze - om naast hun dagelijkse werk - een gezamenlijk project te bedenken, dat wat hen betreft binnen een jaar tot een tastbaar architectonisch resultaat moest leiden. En zo kwam de 'Cineroleum' tot stand; een tijdelijke bioscoop onder het overstekende dak van een verlaten benzinestation.



Met eenvoudige middelen, zoals touw, isolatiefolie en licht ontwierpen en bouwden ze alles zelf, tot en met de houten klapstoelen aan toe en draaiden ze gedurende zes weken 's avonds films voor een enthousiast publiek. Prachtig om te horen dat achtervolgingsscenes tijdens een film soms zelfs werden begeleid door de loeiende sirenes van politiewagens die in real-time voor het bezinestation langsreden...



Dit eerste geslaagde resultaat smaakte naar meer en zo kwam daarna ook het project 'Folly for a Flyover' tot stand. In een bestaande onderwereld van een snelwegviaduct werd door Assemble met houten blokken een folly gebouwd, waar opnieuw gedurende enkele weken bijeenkomsten voor buurtbewoners werden georganiseerd, waar kinderen veilig konden spelen, waar je bootjes kon huren om in het naastliggende water te kunnen roeien en waar in de avonduren ook weer films werden vertoond.





Na enkele van dit soort zelfgebouwde projecten met en voor buurtbewoners, konden ze in Oost Londen een oude hal huren, waar ze inmiddels kantoor houden, samen met andere kunstenaars en kleine ambachtelijke bedrijven. De gebouwen en grond zijn eigendom van een ontwikkelaar die het terrein straks in fasen gaat ontwikkelen. Tot die tijd - het zogenaamde 'Sugarhouse' van Assemble zit in een van de laatste ontwikkelingsfasen - mogen ze het gebouw beheren en gebruiken. Toch sloopte de eigenaar per ongeluk een deel van de hun toegezegde gebouwen. Ze maakten daarna van de nood een deugd en bouwden op dat leeggekomen stuk weer een nieuw tijdelijk werkgebouw terug en ze noemden het 'Yardhouse'.



Met een prachtige driebeukige hoofdconstructie van houten spanten [zie deze Amish-achtige foto met alle Assemble-leden] en aan de buitenkant bekleed met isolatiepanelen van Kingspan. Alleen de voorgevel bekleedden ze met dunne, zelfgemaakte betonnen leien... Met ieder een eigen pasteltint door de toeslag in de betonkleur telkens aan te passen. Zo ontstond dit beeld, dat vorig jaar de hele wereld overging en dat Assemble zijn actuele bekendheid bezorgde.



Na haar lezing beantwoordde Jane nog een aantal vragen, voornamelijk gericht op de organisatie van Assemble Studio. Over hoe ze werkten als groep, hoe de beslissingen tot stand kwamen en hoe ze in deze hectische tijden hun hoofd boven water konden houden. Na de prijsuitreiking van de 1e ronde van de #JAPrijs werd de middag afgesloten met een geanimeerde borrel in de showroom van mede-sponsor Mosa.





Op de opvolgende zaterdag konden we Jane nog begeleiden langs een aantal projecten van Aldo van Eyck, zoals hier bij zijn voormalige Burgerweeshuis in Amsterdam Zuid.



En zijn Pastoor van Arskerk aan de Aaltje Noorderwierstraat in Den Haag. Van buiten een blok beton, van binnen een kathedraal.





Na een afsluitend bezoek aan de Structuralisme tentoonstelling in het voormalige NAi in Rotterdam kon Jane Hall weer terugvliegen naar Londen.
Het was al met al een bijzonder bliksembezoek met vooral een boeiend relaas van een zeer gemotiveerde en inmiddels succesvolle jonge architect. We wensen Assemble Studio vele navolgers toe, ook in ons eigen land.


[Binnenkort verschijnt in Bouwformatie Magazine - zij sponsorden ook deze lezing - een artikel over het werk van Assemble Studio. Zie ook de eigen website van Assemble Studio London en van de reizende BoBardi-expo. En zie hier de opgave voor de 2e ronde van de Jonge Architecten Prijs 2014] - 22 oktober 2014 - BOX 1.672/JAPrijs



Berichten uit de voorgaande maanden in het

* Archief-overzicht.



*

© 1997-2012. Copyright ArchitectenWerk.